Naar 7 weken onthoudsamkeit van het mountainbiken beslissde ik mijne eerste rit als werkloze in VLV te beginnen. Ik verwachte & missde ook de warme gezelligkeit van mijne clubleden, daarom al weer vroeg opstaan deze zondag. Het opstaan viel nog veel zwaarer zoals ik al weken konnde langer slapen. Zoals afgesproken om 8:00 aan de CDN en stipt om 8:45 aan de start in VLV. Maar niemand kwam er af, als iederen bang was van de modder, die iederen verwachte naar de lange regen periode van de verleden dagen. Beschermd met overschoen en modder faste regenveste („het condoom“) begon ik de rit. Maar naar de eerste 2 hellingen was het al te warm en mijn sweet begon al op te stijgen in de plastieke vest. Nog 5 km verder en absoluut geen natte plekken in de bos gezien. De grond was wel zwaar te rijden, als iederen moest diep in zakken. Het was soms zoals kauwgom, waar je moest heel haard tegen bollen. Eerste bevoorading was op den top van en extra lus en diep zakkende weide omhoog. Iederen, die daar omhoog kroop hadde zijn honingkeuken en sirop verdient. Daarnaar kwamen stukken op de weg. Maar niet saai, zoals altijd mooie huisen of casteelen of uitzichten te bewonderen waren. Daarnaar duikten wij weer in de bos in, gevolgt van enkele single trackjes. Tweede bevoorading was ook op den top en ik zat mij op de zijkant van de weg in de zon en observeerte mijne medestrijders als zij zwaart voor ogen het laatste stuk omhoog kwamen. Daarnaar ging het verder op boswegen (nix te zien van modder) over een echt speziale afdaling langs vijvers op koort gemaaiede razen. Echt schitterend over deze heuvels te vliegen en te proberen niet in de vijvers te landen.. Uiteindelijk kwamen wij in het vallei vlak bij La Roche, welke ik herkennde van mijn heenreis met de auto. In verwachting van de aankomst spurtte ik nog met en andere biker. Maar het kwam anders. Zij stuurten ons nog 2 hellingen omhoog, waar mijne batterijen volledig leeg liepen en ik moeste die gast laten gaan. Beloning was een single track afdaling tot de straat vlak bij de historische kerk. Geene kilometer meer was dan ook met mijne leege tank mogelijk. Om te recupereeren ging ik dan nog een lekkere saucisse + plaatselijke energy drank proeven. Het was gewoon gezellige VLV sfeer : bierbanken, zon & party muziek. Fiets was niet nodig om af te spuyten & dan terug naar Leuven slapen op sofa….
Samen met Rickske en Nicky vertrekken we vanuit Leuven met de fiets richting Haasrode. Aan de Aldi op de Tiensesteenweg heeft Nicky al prijs: een lekke band. Een eerste kleine workshop dringt zich op. Als de buitenband er af is zoeken we of er niks inzit, maar niets te vinden. Merkwaardig… Bij nadere inspectie blijkt er een lek te zijn aan het ventiel. Als we in Haasrode aan start komen zijn de anderen waarschijnlijk al vertrokken. We beginnen aan de grote toer van 62 km. Het is prachtig weer en het parcours loopt via het meerdalwoud richting Grez-Doiceau en dan verder naar Bevekom. Nicky doet het rustig aan (dat is nodig want ze komt al met de fiets van Aarschot en moet ook nog op eigen kracht terug geraken), en ik probeer Rickske te volgen die met zijn baanfiets goed tempo maakt. Onderweg worden we gepasseerd door een groepje West-Vlaamse koerskonijnen die Rickske geweldig moedig vinden omdat hij het aandurft om met slicks op dit parcours te rijden. Een paar kilometer later halen we ze terug in omdat ze lek gereden zijn. Na een dikke 25 kilometer is er een goed verzorgde bevoorrading aan een boerderij, waar je kan genieten van cake, prince koeken, bananen, wafels en sportdrank. Na de bevoorrading vervolgen we onze tocht. Het parcours bevat vanaf dan voor mij veel onbekende leuke tracks, omdat we in een deel van Waals-Brabant zitten waar we normaal niet zo dikwijls komen. Na een tijdje passeren we weer onze West-Vlaamse collega’s die nogmaals lek gereden zijn. “Slechte bandenkeuze jongens, met slicks gaat het prima”! Ze kunnen er wel mee lachen…. Op km 45 volgt in het bos een tweede bevoorrading waar we onze reserves kunnen aanvullen. Daarna nog een laatste stuk door bos en veld. Als we terug aan de start komen wachten we nog even op Nicky. Posse en Luc, die blijkbaar toch na ons vertrokken zijn komen ook nog aan. We rijden samen naar Tom en Katleen waar intussen ook Bart en Jokke al zijn toegekomen om mee te genieten van een fantastische receptie: overheerlijke groentensoep (Posse krijgt er maar niet genoeg van), krokante garnaalkroketjes, bitterballen, curryworstjes,… uiteraard vergezeld van aangepaste dranken. Terwijl de regen van de grote paraplu boven ons hoofd stroomt krijgen we ook nog een primeur: Tom en Katleen verwachten een eerste kindje! Voor beiden een dikke proficiat en bedankt voor de traktatie!
Het is 6h45.
De inschrijvingsbarak is nog niet bemand.
Overal op het terrein liggen voedings- en drankresten die wijzen op een copieus feest dat in alle opwinding en op zijn Waals aan een einde is gekomen.
Aan de toog van de tot feesttent omgetoverde boerderijhangar hangen een paar lallende Waalse gasten.
"Pourquai il n'y a pas de Flamands dans Star Trek?" grappen ze.
"Parce que ca ce passe dans le futur"
Een gewaagde uitspraak, vooral nu Bartje Dewever het strikske blijft kontgeneuken.
De Sainte Marie (heilige maagd) van Maleves is erin geslaagd haar 160 kg liefdesvlees te wrikken in een plastieken plooistoeltje.
Ze zit met een geforceerde glimlach op haar bolle wangetjes na te genieten van de wilde orgie die hier gisteravond heeft plaatsgevonden.
Ze wil me met graagte het enige wc tonen dat hier beschikbaar is.
De wc blijkt verstopt en weigert mijn licht vloeibare grondstoffen te slikken.
Mij dan maar snel uit de voeten maken zeker?
Waar staan de pijlekes?
Ik heb al 7 km en een half uur rond de kerktoren gereden voor ik het eerste pijltje terugvind.
Het zal lastig worden om nog 35 kilometerkes af te haspelen voor de rest van het gezoenk hier arriveert.
De eerste (nog niet bemande) bevoorrading is er al na 12 km vlakke veldwegen door oneindig ver reikende graan- en maisakkers.
Mijn schrik dat deze TT 100% veldweg wordt verdwijnt snel.
Na de bevoorrading duikt de veldweg een stijle, met brute stenen verharde, bosweg in.
Niet zo stijl en bruut dat de Jokke er de grond voor zou kussen maar hij zou toch op zijn minst zijn gat hebben gelicht.
Ondertussen passeer ik een knalroze boerderij, een mooie middeleeuwse ruine, een koppel schaamteloos vrijende hazen en verstoor ik het ochtendritueel van een hert.
Er zijn ook nog een erorm zwart beest waar ik geen naam kan op plakken, sperwers, fazanten, patrijzen en een schoothondje.
Ook zij apprecieren mijn aanwezigheid niet echt.
Nog eens 20 km verder is daar al de 2e bevoorrading bemand met ??? de lallende gasten die daarstraks nog aan de toog stonden!
Ze zijn zonder scrupules in hun bagnole gekropen en hebben zich een weg geslingerd door de velden.
Een geluk dat het hier echt wel een godvergeten gat is!
Wim belt om 8h30 dat ze aan de start klaar staan.
Verdomme, dat is wel een half uur te vroeg!
Ik draai het stuur en rijd terug naar de eerste bevoorrading.
Het is toch niet alles, zo in de omgekeerde richting rijden, en eigenlijk ook gevaarlijk voor de 3 tegenliggers die ik kruis.
Wim (met mudbike), Nicky en Witte arriveren ongeveer samen met mij aan de eerste bevoorrading.
De bediener spreekt ons met graagte aan in het nederlands.
Ik krijg meer en meer de indruk dat de Walen toch echt wel liever Belgie zouden houden in de huidige samenstelling en daar ook een inspanning zouden willen voor leveren (door het leren van nederlands).
Helaas komen ze daar wel rijkelijk laat mee af.
Na de bevoorrading blijft de weg varieren tussen veldweg en bosweg.
Zonder al te veel bergskes (1 stevige).
Zonder te veel vettigheid (op die paar superverzopen stukjes na dan toch, waar biken echt onmogelijk was)
En zonder te veel hindernissen (1 boom met takken van 1,5 meter hoog waarover je noodgedwongen moest kruipen).
En ook zonder te veel brandnetels (op de verharde wegen stonden er geen, voor de rest zo ongeveer overal).
"Ze hadden daar in Malèves een idee om hun dichtgegroeide buurtwegen op te waarderen, maar ze zelf open maken zagen ze ni goed zitten
Oplossing: jaag wat MTBikers door die netels, bramen, omgevallen bomen en andere wildernis" (cf Wim)
Ondertussen is het beginnen zeveren.(nvdr: zoals op de maillist ?)
Maar echt nat (van de regen) zullen we vandaag niet worden.
Groot ongelijk dus voor de pessimisten die weeral te veel naar de wuivende busten van ons weer-Sabine gekeken hebben!
Ik wacht met Witte aan de 2e bevoorrading op Nicky en Wim maar blijkbaar zijn ze ergens verkeerd gereden, hebben ze een vrouwelijke demoon achter zich aan gekregen en werden ze aangevallen door teken.
We zien ze niet meer terug voor de finish.
Na de 2e bevoorrading krijgen we dezelfde mix van veldwegen en boswegskes, nu met een strakke wind op onze smoel.
In een vettige piepesnol scheppen we onze schoenen vol met overheerlijke, modderige braggel.
De tandwiel-ketting combinatie van de Witte zijn epic begint te kraken.
De rohloff daarentegen voelt zich kiplekker in deze omstandigheden.
Zonder al te veel extravantie en ruim binnen de acceptabele tijdslimieten bereiken we uiteindelijk terug het centrum van Maleves.
We worden er getracteerd op een parade van oer tractoren.
Zo van die donder en bliksem spuwende, gekadavreerde maar terug opgeviste, boerenmotorisaties die voor niks anders meer goed zijn dan voor het rijden van traagheids races in een boerengat als Maleves.
Misschien is het berijden van zo'n vehikel ook wel een mooie en spannende bezigheid voor de zoenker die wegens fysieke aftakeling moet afhaken in het mtb tt circuit.
De Jokke had vermeld dat er een bike wash was in Maleves en dat klopt inderdaad : er is 1 tuinslang beschikbaar.
We zijn al vergevorderd met onze drank als Nicky komt aangereden en aanstalten maakt om de tent binnen te rijden.
Ze gloeit helemaal want ze is (zoals zovelen voor haar) in de brandnetels terecht gekomen. (nvdr: ah oef we dachten al ...)
Een donkere Leffe helpt haar leed te verzachten.
Om 12h30 sta ik al terug thuis.
Er staat een onbekende auto voor de deur.(nvdr: ne witte en er zitten 2 witjassen in)
08/08/2010 - Gomze Andoumont Bataille des Ardennes
Hoebelbike of de Bataille des Ardennes?
Hoebelbike staat voor gezelligheid en geuze beweert Karel, la Bataille staat voor afzien en hoogtemeters. Geuze kan ik bij de eerste de beste drankcentrale ook gaan halen en dus kies ik (na lang nadenken, ik geef het toe) voor de Ardennen. Voor de eerste keer in maanden nog s richting oosten. Een hele ruime parking en een rasechte Ardense hoeve als inschrijvingslokaal wachten me op. Ik kies voor de 80km, krijg een nummer (iedereen voelt zich dan even coureur..) en vertrek. 200meter rijden de chronorijders samen met de tt-rijders en dan gaat het rechtsaf en bergaf. Een kilometer later begint het echt . Bergop en modderig, het wordt stevig, dat is meteen duidelijk. Een paar hijgende maar twee keer zo snel rijdende afgetrainde chronojongens knallen me voorbij. Voorlopig blijft het droog. En voor mijn gevoel ook nog redelijk warm. Ik stop om iets uit te doen en dan rijden 3 blueriders me voorbij. Ik stap terug op en rij tot bij hen in het wiel. De volgende 55 kilometer blijf ik daar ook. De bevoorradingen (en er zijn er vijf!!) zijn op zijn Waals ; frangipanes, fruit , cakes en van alles meer dan genoeg. De hellingen zijn niet zo steil maar opvallend lang. De hoogtemeters tikken snel aan. Aan bevoorrading vier begint het ineens echt hard te regenen. De blueriders en nog een paar anderen blijven schuilen aan de bevoorrading, ik besluit gewoon door te rijden. De volgende 10km zijn ongelooflijk. Het pad lijkt meer een rivier en het blijft gewoon gieten. Dit is mountainbiken zoals in de winter. Mijn remblokjes zijn er in een mum van tijd doorgejaagd. Bij de laatste bevoorrading schijnt de zon ineens een heel klein beetje, nog een paar kilometers en een hele gemene helling (toch na 80km) en de Bataille des Ardennes zit er op. Blij dat ik voor de Ardennen gekozen heb..
Slechts twee Zoenkers aan de start op deze ietwat druilerige ochtend in Diest. Ikzelf met dikke beentjes van de dag tevoren de Sean Kelly te rijden. Vlak aan de inschrijvingen stond een milka-koe opgebalzen waar we voor de lol onder door reden. Bij de inschrijving kreeg je bonnetjes voor een drankje, een versnapering en een glas van Duvel (jammer genoeg niet gevuld).
Sjarel en ik vertrokken voor de korte tour om op tijd thuis te zijn. Deze was 26 km lang en er was omzeggens geen enkele moeilijkheid in. Het ging langs brede wegen, eventjes langs het gekende stukje bos aan de ring in Diest waar het wat op en af ging. Voorts kwam er een kasseibaantje en een stuk langs het kaneel waarna je bij de bevoorrading uitkwam.
De bevoorrading ging met de bonnetjes behalve de bananen en de appelsienen. De drank was gesponsord door aquarius. We zetten onze toch verder en we kregen van hetzelfde laken een broek. Brede wegen door bos en veld, af en toe een stukje berg op. Aangekomen voelde ik me al een stuk beter gerecupereerd van de dag tevoren en dronken we nog een Duveltje of twee. Hierna gingen we huiswaarts.
Ik stond alleen aan de start toen er net op tijd nog 3 man bij kwam: Alain, Geert & Wim. Die 3 verraste gezichten staarden zo ongelovig dat ik mijne bril aan de inschrijving vergat. Ik keerde terug om het (on)ding te zoeken maar het had al een ander baasje gevonden blijkbaar. Van trouw gesproken... Dan maar terug naar de start. We waren gekomen voor de 60 km (en voor de plaatselijke drankjes).
De eerste 20 km legden we samen af tegen een stevig tempo. Het was dan ook heel vlak en lag er goed bij, ondanks de regenval van de vorige dag en nacht. De eerste break kwam eraan. Daar bood men een plaatselijke isotone drank aan: Aquarius, geschonken met het uitspreken van de slogan 'keeps you going', het dialect voor 'ge krijgt er nog meer dorst van'.
Na die break ging het nog wat vlak en dan begonnen de bossen en de korte venijnige klimmekes. En ook de regen. Geholpen door het ratelende motortje in zijn fiets deed Geert op een beboste helling een tempoversnelling. Bij het uitrijden van de bomen bovenop die helling kregen de achtervolgers niet alleen de drash maar ook nog 2 platte banden over zich heen. Zij kwamen dus pas met wat vertraging aan op de tweede break. Deze keer werd een energiedrank van een plaatselijk merk geboden. In 2 verschillende smaken van plaatselijke vruchten-mixen nog wel: een mango/passievruchten/meloen-coctail en een frambozen/limoen/nectarine-cocktail, mmmm.
We vertrokken terug samen met ons gevieren aan de laatste 15 km. Het waren eerst nog wat bossen en hellingskes en werd dan terug vlakker. Met al die opspattende modder in mijn onbeschermde ogen zag ik niet meer goed waar ik reed en moest lossen. Van de anderen was er maar één iemand zo solidair om wat bij te blijven, namelijk Alain. De andere twee waanden zich echt sneller en koersten opgehitst naar de arrivé.
Daar aangekomen was er nog keuze om zich te laven aan allerlei plaatselijke brouwsels zoals kriek, gueuze, witte en donkere trappist. Er waren ook gebarbecuede worsten van een plaatselijk rund dat onlangs was gestorven. Het ging om de koe die Jokke hier een paar jaar geleden een tepel heeft afgemelkt (sindsdien houden ze die koeien-melken-competitie niet meer). Ze is onlangs gestorven ten gevolge van een infectie aan de bewuste uier-wonde. Het lijkt er soms op dat Jokke overal waar hij komt bloed achterlaat. En dat hebben we graag, want zolang ie dat op de ander doet voelen wij ons veilig binnen ons clubke.
Vandaag staat er een marathon in Profondeville op het programma. Het belooft een stevige rit te worden op de flanken van de Maas met 1800 hoogtemeters. Rond 9 uur sta ik met Jokke, Geert en Wim vertrekkensklaar aan de start.
Na enkele kilometers krijgen we een eerste technische afdaling. We stappen wijselijk af bij het zien van een ongelukkige met een bebloed gezicht en een opengereten lip. Hopelijk gebeuren er niet meer ongelukken vandaag…
Het is een mooie rit met lange steile klimmetjes voor klein verzet. Helemaal mijn ding. Na een passage door een kasteelpark komen we aan de eerste bevoorrading. Allemaal goed in orde. Van hieruit vertrekken we voor de extra lus van de 90 km.
Wanneer de Rohlof plat rijdt, helpt Jokke te depanneren, terwijl Wim en ik rustig verderrijden. We rijden weer door het kasteelpark en wachten aan dezelfde bevoorrading. Tevergeefs, want Jokke en Geert zullen hier niet meer aankomen. Jokke heeft een boodschapper gestuurd om ons te melden dat hij gevallen is en zich laat afvoeren. Wim en ik besluiten verder te rijden en onze rit in te korten.
Geert is zo vriendelijk geweest om zijn versie van de feiten mee te delen, dus bij deze:
“We duiken het Bois des Acremont in. Een mooie, maar technische single track slingert zich langs de steile flanken van deze acremontische berg naar beneden. BANG, ik rijd mijn 2de snakebite op 2 km. Verdomme, ik heb geen 2de binnenband bij. Gelukkig heeft de heilige voorzienigheid (Jokke) wel nog een reserve op zak EN wil hij die afstaan. Nu pomp ik de band op 3 kg. Ondertussen heeft Jokke zich al terug in de afdaling geworpen.
Nog geen 500 meter verder hoor ik Jokke in de verte roepen. Hij ligt met zijn rug tegen de rotsen, 5 meter verder dan zijn fiets. Zijn onderbeen en knie zijn helemaal bebloed. Ik vrees dat er iets gebroken is.
Jokke kermt van de pijn maar het is niet voor zijn been. Hij is met zijn ribbekas tegen de grote rotsblokken gesmakt die daar langs de kant liggen. Miljaar we zijn hier in een godvergeten gat en ik heb geen noodnummer op zak en Jokke kan amper op zijn benen staan.
Gelukkig passeert er een gast die het noodnummer heeft ontvangen. Ik bel de numero de secours en krijg een antwoordapparaat aan de lijn. Leuk hoor op zo’n moment. De tweede keer lukt het wel. Een meneer, die spontaan naar het Nederlands overschakelt, belooft dat hij binnen 3 minuten zal terugbellen. Dat zijn natuurlijk Waalse minuten en na 10 minuten moet ik zelf nog eens terug bellen. Nu beloven ze repatriëring binnen de 15 minuten.
Ondertussen is Jokke er toch in geslaagd om recht te staan en op zijn vlo steunend de afdaling te voet verder te zetten. Een vriendelijke inwoner stelt een stoel ter beschikking en biedt ook een bruistabletteke aan.
Minstens een uur later komt de hulpwagen aan en wordt Jokke teruggebracht naar de aankomst. De meneer biedt aan om direct naar de lokale kliniek te rijden maar dat idee wordt weggewuifd wegens vermoeden dat er toch niet echt iets gebroken is… (en omdat het organisatorisch beter uitkomt).
Om 1 uur arriveren we terug in het centrum van Profondeville en kruisen we Posse en Luc. Jokke gaat nog met de auto naar huis rijden…”
Na 70 km komen Wim en ik terug aan de kerk, waar Jokke ons zit op te wachten. Op het eerste zicht lijkt de schade wel mee te vallen. De volgende dag echter vernemen we dat Jokke is opgenomen met drie gebroken ribben en een klaplong. Hospitalisatie met thoraxdrainage dus. Dat zal enige tijd herstel vragen.
Na een nachtje doorzakken op de Haachtse feesten, ja deze bestaan ook, besloot ik toch op het zadel te kruipen. Tegen iets voor 8-en arriveerde Cloyke en vertrokken we voor de 45km. Na een korte afstand langs de Dijle werd traditiegetrouw de heikant opgezocht. Daar was het het gebruikelijke op en neer rijden, waar we eindigden op het steile stuk op de middelberg. Toen kwamen we snel aan de bevoorrading. Daar was het povertjes gesteld enkel sportdrank, banaan en suikerwafel.
Na een korte stop reden we verder en kwamen we tussen de bekende boomgaarden en langs het stuk waar Jeroen zijn tanden achterliet. Zo reden we verder over de wijngaardberg. Vervolgens fietsten we verder via Wezemaal en het Monfort-college richting Werchter. Na de lange zomeronderbreking bleek deze tocht en afstand voldoende om terug te beginnen. We konden snel de fiets proper maken want er stond niet veel volk. Er werd iets fris genuttigd en ik keerde terug huiswaarts naar de Haachtse feesten.
In Bekkevoort hadden we de keuze tussen 25 - 40 – 48 en 65 kilometer. Om toch nog wat extra kilometers in de benen te krijgen koos ik ervoor om via rustige wegen naar Bekkevoort te fietsen, een tourtocht te rijden en rustig uit te bollen naar Leuven.
Met de tourtocht van 40 kilometer zou ik dan op 90 kilometer moeten uitkomen.
Rond 8.00 uur in Leuven vertrokken en na een rustig opwarmertje van 25 kom ik toe in Bekkevoort, in de hoop enkel Zoenkers tegen te komen. Helaas, niemand, ingeschreven en nog steeds niemand.
Iets na 9.00 uur ben ik dan vertrokken. Technisch moesten we niet veel verwachten, het grootste deel van het parcours bestond uit veldwegen, en af en toe een heuveltje. Een ideaal parcours om een hoog tempo aan te houden.
Na ongeveer 15 kilometer van de 40 komen we aan de verzorgde break. Ook nadien wordt er serieus doorgereden, ook nu weer hoofdzakelijk veldwegen en af en toe even langs de snelweg. Om iets na 11.15 uur toegekomen, nog even op zoek naar andere Zoenkers, maar die moet ik net gemist hebben. Bart moet net iets voor mij toegekomen zijn.
Nog even de spieren losrijden en bij thuiskomst stond er 92 kilometer op de teller. Geen straffe verhalen, maar rustig genoten van het weer en de omgeving.
Het is friskes op de parking in Boutersem. Met Jokke, Nico, Nicky en Bart vertrekken we richting Burdinne. Wanneer ik ginds “de vierkantshoeve” ontwaar realiseer ik mij dat ik hier vorig jaar ook al reed. Geert sluit nog aan en we gaan van start. Onder lichte druk van Nicky besluit ik voor de 70 te gaan. Maar al na een paar kilometer licht oplopende asfalt zeggen de benen “neen”, en vanvoor reden ze ook niet bepaald langzaam. Dus los ik bewust en Geert komt vragen “wat de bedoeling is”. Mijn zadel was ook omlaag gezakt, en ik hou halt om dat te corrigeren. Wanneer door een stuk veld omlaag eindelijk een groot bos induiken begint het beter te lopen, alhoewel er een heel lange, vrij slopende beklimming inzat naar die eerste bevoorrading toe. Daar komen we Chris tegen die op de 45 zit. Op de bevoorrading is het eerder zelfbediening, pintje zoeken en water zelf tappen...We krijgen warempel kou van stil te staan en dus snel terug op weg. De Rohloff en Fullys vliegen daar als bezetenen die heuvel af...neen ik wens de risicos toch eerder te beperken. Deze streek heeft voor ieder wel wat te bieden: steile hellingen, vrij technische afdalingen, maar ook lange hellingen al dan niet op asfalt, velden, bossen, lange stukken vlak met de wind op de kop...mooi en zeer afwisselend. Bij de tweede bevoorrading gaan Bart en Chris op de 55, de rest doet de 70. Met de GRG in het verschiet zijn Geert en Jokke aan elkaar gewaagd en ze rijden zo van ons weg. Het beste is er bij mij dan zeker af en ik snij per ongeluk ergens een stuk van het parcours af. Wat verderop haalt Geert mij in samen met een andere gast, ik kan onmogelijk nog mee. Aan het eind van een afdaling komt Jokke bij mij maar op het bergske dat daarop volgt zegt hij dat zijn brandstof ook op is. We rijden over privé terrein om een zeer mooi plaatselijk kasteel te bewonderen, en vandaar wenkt de aankomst...pfff het is toch best zwaar geweest maar zeker de moeite waard. Ik kom alvast zeker terug hier volgend jaar, maar niet om te koersen, eerder om eens wat beter rond te kijken in deze toch wel mooie streek. Na het nuttigen van plaatselijk vocht trekken we huiswaarts. Ik breng de Posse nog naar huis die met de fiets naar ginder was opgekomen.
Met twee waren we om 112km met de auto naar Surice te rijden. Het was een totaal onbekende streek en een pitoreske dorpje in de omgeving van Beauraing. De zon was weer van de partij en s’ ochtends door uitgestrekte velden rijden was al prachtig op zich. Ruimte genoeg nog in Belgie, als je dan bedenkt hoe dicht we op mekaar wonen in Vlaanderen, kun je je vragen gaan stellen. Onderweg zagen we een das aan de rand van het wegdek liggen. Een enorm dier maar spijtig genoeg was hij “konijn”. Iets verder stond temidden van het gemaaid graan een vos met de oren gespitst en vol aandacht voor onze voorbijrijdende wagen. Verdorie een schoon beest. We hebben hier even halt gehouden en keken mekaar aan alsof het in Keulen donderde. De natuur kan schoon zijn.
Toen we aankwamen in Surice viel ons onmiddellijk op dat we beland waren op een TT die je alleen in het zuidelijk landsgedeelte tegenkomt. Een driehondertal deelnemers in een oude voetbalkantine. Helemaal geen hectisch gedoe. Bij de inschrijving kon je voor de 65km of de 90km kiezen en automatisch kreeg je dan een nummer voor de chrono. Een klein tentje aan de rand van een flank, daar moesten we afklokken en onmiddellijk via een single-track tussen bomen en struiken naar beneden duiken. Halverwege flank belandden we in een bos dat rijkelijk bestrooid lag met stenen waar je goed moest uitkijken waar je fietste. Hier begon het goed op en neer te gaan over de single-tracks. Het beloofde een mooie tocht te worden, zeker als je weet dat de 65km 1300 hoogtemeters heeft. Ongeloofelijk prachtige zichten kregen we. Niets was er vlak en naarmate de tocht vorderde werd het parcours technischer en technischer met duizelingwekkende afdalingen en helse klimmen. Afzien als de beesten deden we. De temperatuur was gelukkig niet meer zo hoog dan de vorige dagen. Regelmatig kregen we tracks die blijkbaar nog maar pas aangelegd waren tussen de bomen maar die wat “natuur” betrefte super mooi waren. Je kreeg zeer in je handen van zo lang te remmen. De hoogtemeters die voorspeld waren konden tellen.
Drie bevoorradingen hadden we op de “65”. Ze waren meer dan welkom. Je kon je koolhydraten rijkelijk bijvullen…..
Na lang en hard labeur kwamen we terug aan in het rustig gelegen voetbalkantientje aan de rand van het dorpje. Even nog afklokken en direct terug naar huis rijden want het was al even over 13u. Ons gemiddelde snelheid lag op 16.5km/u wat niet meer uitleg hoeft zeker. Wie van mtb houdt moet zeker volgend jaar eens passeren. Het is echt eens iets anders dan bij ons “onder de kerktoren”.
Hoe warmer de zomer, hoe korter de verslagskes zo lijkt het (met uitzondering van één fantast). Ik besluit dus om ook dit verslag heel kort te houden. Op een nationale feestdag blijkt het altijd moeilijk om mensen te motiveren voor MTB. Met zijn drieën trekken we naar Mol (Jokke, Bart en ikzelf). De gebroeders Decuypere vliegen er van bij de start hevig in. Vertrokken met hoofdpijn, een misselijke maag en zonder ontbijt duurt het dan ook niet lang of ik zie al “verschijningen”. Er slaagt een tak in mijn verzet en ik grijp dat aan om wat langer aan te lummelen zodat het duidelijk is dat ik mijn 2 kompanen nu even niet kan/wil volgen. Geen hoogtemeters natuurlijk in deze streek maar mooie zanderige singletracks met heel plezante bergjes en bochtekes. Genomen aan een zeer hoge snelheid krijgt het toch iets “technisch”. De bossen brengen wat verkoeling op deze warme dag. De 2 bevoorradingen zijn dik in orde. Naargelang de rit vordert kom ik er wat door maar onze voorzitter blijft maar doorvlammen en hem volgen is dus te hoog gegrepen. 62 km aan een gemiddelde van 23.7! Onze voorzitter is klaar voor de GRG, en ik zie eigenlijk niemand anders bekwaam om hem ginder op die 160 km partij te geven (sommigen maken daar tamtam rond maar zijn nu vooral bezig met aan de mem te hangen, en tegen dat het zover gaat zijn trekken ze hunne kak in). Bart komt zo rood als een kreeft binnen en gebruikt de tuinslang om zijn fiets en zichzelf te verfrissen... Daarna nuttigen we Grimbergen en moe maar tevreden trekken we weer huiswaarts.
Zo eindigen de meeste verslagskes toch? Toch is het daarmee nog niet gedaan deze keer.
Geïnspireerd door de “alternatieve” zomerverslagen van Phille en Rickske voelde ik mij een beetje verplicht om ook eens iets speciaals te verzinnen...
Wat past er nu wel goed in deze komkommertijd...een kruiswoordraadsel natuurlijk!
In bijlage het eerste “MBCZ fietsthema” kruiswoordraadsel.
Veel plezier ermee.
Bezorg mij dit correct ingevulde kruiswoordraadsel terug of breng het mee op onze jaarlijkse BBQ van 7 augustus, zo maak je kans op een mooie prijs. Op onze BBQ een onschuldige kinderhand vinden zal wel geen probleem zijn....om de gelukkige winnaar aan te duiden.
Onze reporter ter plaatse vroeg de aanwezige zoenkers (Jan Daenen, Jos Decuypere, Philippe Duthoit, Andreas Kroll, Michel Meulders, Geert Serneels, Karel Vrancken en Dirk Raeymaekers) naar een korte maar bondige reactie.
Jan Daenen : “…jawaddedadde puffe en kuche vandaag, in tegenstelling met de andere zoenkers samen met Andreas vertrokken om 9 uur voor de 25 en er ongeveer even lang overgedaan dan hij op de 45…”
Jos Decuypere : ” …het ging mij goed af vandaag, ik voelde me super, na de eerste bevoorrading tandje bijgestoken en bye bye…, op deze manier worden de GRG 160 in Bouillon peanuts …, ja ik zeg het niet graag maar ik voelde mij echt van een andere planeet vandaag…”
Philippe Duthoit : ‘’…ik wist niet dat er ook zoenkers de 100 gingen doen, anders had ik gerust mee willen rijden …”
Andreas Kroll : “… der ganz schönen omgevung in dieses wald machte mir heel eben mit velen heimwee zurück denken am das schönes weekend in Waldbreidtbach, misshin mussen wir Gikke hir auch ein kehr mit nach nehmen...“
Michel Meulders: “...ik denk dat ik de koers wat slecht heb ingedeeld, een laatste 8 km kunnen een mens echt nog doen chicken…”
Geert Serneels : ”..de schakelmechaniek liet mij vandaag wat in de steek maar ik denk dat ik weet waar het aan ligt ...”
Karel Vrancken : commentaar kwam te laat binnen op onze redactie
Dirk Raeymaekers: “… desondanks het lekkere zonnetje toch genoten van een prachtig uitgestippelde en goed georganiseerde tocht met nieuwe
en verrassende stukjes die misschien weer perspectieven openen voor onze eigen TT in februari :-) ..."
Het was al warm om 09u00 maar het zal nog warmer worden. Ondanks dat deze rit niet op de kalender te vinden was, maar door Joris in de kijker is gezet, wou ik toch deze streek eens verkennen. En het mag al gezegd worden, voor de hoogtemeters hoef je hier niet te zijn. Langs de waterkant, door velden en bossen, een singletrack hier en wat asfalt daar zorgde ervoor dat we een strak tempo hebben kunnen aanhouden wat dus een aardig windje opleverde tijdens het rijden. Hierdoor kon de warmte je pas overvallen tijdens break en bij aankomst...wat dan ook gebeurde :-) . De break was goed verzorgd, er was niet veel volk op het parcour en de Leffe was heerlijk na onze inspanningen.
11 juli 1302 : een klein legertje Vlaamse primitieven op boerepaarden verslaat het leger van de koning van Frankrijk.
11 juli 2010 : Bartje (DeWever) neukt "strikske" goed in zijn kont en het is nog slechts een kwestie van tijd voor de "goeiendags" definitief Belgie breken in een coferderatie.
In Bolland is er van al dat politiek geweld niet veel te merken.
Vlamingen en Hollanders zijn hier talrijk aanwezig.
En betalen graag 3.5 euro voor de "diensten" van onze zuiderburen.
Die prijs is gerechtvaardigd want er wachten ons 4 bevoorradingen, niet royaal maar correct.
De afpijling zit naar gewoonte niet in het pakketje van minimale dienstverlening en dus gaan we weer een aantal keren in de mist.
8h, carpoolparking in Boutersem : de Phille staat al een half uur voor de rest met zijn nieuwe (gemotoriseerde) bolide te pronken.
Hij heeft er duidelijk goesting in (in de autorit naar het verre Bolland).
Dus scheurt hij de parking af, we zien hem niet meer terug op de snelweg.
Ook niet moeilijk als ge achter de Jokke rijdt die zijn cruiscontrol naar gewoonte afstelt op 119.5 km/h.
Alain en Birgit zijn ook nog ergens onderweg, te laat zoals gewoonlijk maar deze keer een vermakelijke uitvlucht : de hond heeft de buurman gebeten.
Mogen we ook de details weten?
Had die hond dolheid? Was de buurman een klootzak? Heeft die hond in zijn kloten gebeten? Hebben ze de hond achteraf ge-eutanaseerd?
Alain ledigde na de tourtocht ook abnormaal snel zijn Cineys.
Misschien knaagde het verlies van zijn buurman (of vrouw) aan zijn geweten?
Tijdens de tocht is hij dicht bij Birgit gebleven, om morele support te bieden?
Allemaal vragen die onbeantwoord blijven.
Een andere prangende vraag : waarom verkozen Alain en Birgit de E314 boven de E40 om naar Luik te rijden?
Hebben ze een gps in de Aldi gekocht? Verkozen ze niet te veel tijd te verliezen op de carpoolparking in Boutersem? Verkiezen ze Limburg boven Vlaams Brabant? Wilden ze hun verdriet zo direct na het hond incident niet delen met de medezoenkers?
Hopelijk hebben ze voldoende psychologische heling gevonden ondertussen en zijn ze bereid om hun grieven met ons te delen.
Nog iemand die psychopatische psychologische heling nodig heeft is Jokke.
De heilige vader die zijn telgen zo graag bijstaat, vlo's meebrengt voor zij die zonder (gerepareerde) voorvorken zijn, bemerkt tot zijn grote ontsteltenis dat niemand een paar reserve fietsschoenen heeft meegebracht voor hem.
Geen nieuwe triomftocht dus met de (nog steeds blinkende) carbonnen vlo.
We zullen waarschijnlijk nooit weten of er na het gevloek ook nog een traantje gerold is…
Wat we wel weten is dat er 2 GROTE overdrijvingen in de aankondiging van deze TT stond : 1800 hm en 62 km!
De Phille zijn gps raakt amper aan 1000 hm en de grootste tour was "slechts" 52 km.
Een carbon vlo was hier dus echt niet nodig; met een krakende en sputterende epic waar de banden van afsprongen kon je hier ook nog een voorbeeld stellen.
Op de bikewash werd zelfs een oude "durango" gespot, zo eentje waar de Luc nog mee durft onder de mensen te komen.
Uiteindelijk bleek het Luc's broertje te zijn die hier een openbare douche in de bikewash stond te nemen...
Familietrekske?
Over de tour zelf valt niet veel te vertellen.
Een beetje een samenraapsel van leuke restjes die helaas met mottige, drukke, niet autovrije verbindingstukken over de asfalt werden aaneengeregen.
Een behoorlijk aantal hellingskes maar hoop en al 2 die langer uitvallen dan een gemiddelde zoenker op een zondag voormiddag doen blozen.
Birgit wil toch één bepaalde asfalten killer helling in het verslag laten opnemen maar de naam van het gehuchtje ontgaat me hier.
Wat ik wel weet is dat we op het einde nog in het gat van een kat gezeten hebben (trou du chat) en dat het wel leuk is (om dat in een verslag te vermelden maar dat ge daar verder niks moet achter zoeken).
Hetzelfde voor de Sloggy tour meiden : leuke babes op grote reclame panelen die de vraag (en nog iets anders) deden rijzen of er bij de volgende zoenk spullenhulp campagne hot pants moeten opgenomen worden in het kledingsgamma.
Verder hebben we Phille onderweg big business zien doen met zijnen smartphone, vonden Alain en Birgit een koppel waarmee ze binnenkort gaan partnerruilen op de top van de Etna, waren er evenveel zoenk rohloff rijders als deraileurders en beviel de blonde Ciney beter dan de blonde Leffe.
Misschien zijn het wel tendensen die staan voor het leven van ons allemaal.
Laten we ze dus om de lieve vrede maar accepteren.
Chastre of Rillaar? Als ik zaterdagavond na middernacht nog een vierde mojito drink is de keuze al gemaakt. Rillaar zal het worden. Chastre weet ik niet eens liggen…. Nog een paar uur later weet ik ook Rillaar niet echt meer liggen.
Een veel te korte nacht later rij ik met de fiets de garage uit richting Rillaar. Het is nog vroeg maar al warm. Drie kwartier later sta ik me in de voetbalkantine in te schrijven. Geert , Cloyke en Jeanke maken de ZoenK delegatie compleet. Iedereen is met de fiets gekomen (of toch drie van de vier).
De eerste kilometers wordt er rustig gereden en even denk ik zelfs dat we de hele tocht gaan samen blijven. Naief , want Cloyke (bijna klaar voor een triathlon) en Geert (bijna klaar voor de 160km van Bouillon) beslissen er anders over. Tempo omhoog dus en Jeanke kan aan zijn solotocht beginnen…
Rillaar is niet meteen onbekend terrein (en dat is een understatement) maar toch blijft het hier een prachtige streek. Zeker nu alles kurkdroog ligt. De warmte begint al snel zwaar te wegen. De hellingen (niet zoveel maar met dit weer meer dan genoeg) voel ik in mijn benen.
De bevoorrading komt perfect op tijd. Alles er op en er aan. Koeken, fruit en sportdrank, water en een ode aan de Rohloff-technologie. Na de bevoorrading gaat het ondermeer richting Houwaart en Tielt-Winge.
Als we de kantine van vc Rillaar zien (of was het een andere club?) zit de tt er op. Nog iets drinken op het terras en met de fiets terug naar huis. Meer moest dan vandaag zeker niet zijn…
Na weken van MTB-rust, was het nog eens hoog tijd om het machien nog eens uit de garage te halen, het stof er af te blazen en op de fietsendrager te zetten. Het doel van vandaag: Waanrode, een gehucht van het gehucht Kortenaken.
Enkele jaren geleden reed ik hier in de streek reeds een TT en was daar toe niet echt tevreden over, wat me zelfs deed concluderen deze streek in de toekomst eerder te mijden. Maar doordat iedereen te kennen gaf in Waanrode te gaan rijden, en door lichte dwang van de eega, vertrokken we dan maar richting Hageland.
Het vertrek is een betonnen voetbalkantine zoals er in België duizenden staan. Parkeren doen we in de naastgelegen wei, zo zijn er misschien nog meer. We schreven in en wachtten op de rest, die met de fiets uit Kessel-Lo onderweg waren. Met ongeveer 8 vertrokken we voor 45, 65 of 85 km.
Het eerste deel van de tocht gaat vooral door velden en fruitboomgaarden, na een tijdje kan je geen appel- of perenboom meer zien. Door het droge weer van de afgelopen dagen en het goed berijdbare parcours komen we na 20km al snel aan de eerste break. Hier is alles voorhanden om de nodige energie op te slaan (zelfs verse watermeloen!) en al snel zijn we weer weg voor het volgende deel vd tocht. Nu rijden we meer door stukjes bos en komen we ook af en toe al eens een helling tegen. Moeilijke technische stukken zijn hier (helaas) niet te vinden, dus het tempo blijft hoog liggen en de tweede break dient zich aan.
Dan nog het laatste deel van de TT afhaspelen en in de kantine nog nen donkere om het af te leren, samen met nog een aantal Zoenkers die om 9u vertrokken zijn.
Conclusie: al bij al een TT die OK is (bepijling, breaks,...), maar de streek heeft toch net iets te weinig te bieden om van een echte MTB-rit te kunnen spreken.
Heb echt geen zin om een verslag te typen, zal het houden op een liedje :-)
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Kunt u ons de weg zonodig stamelen.
We willen heel gewoon terug naar Chastre.
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Kunt u ons de weg naar Chastre verklappen meneer?
We moeten morgen vroeg de grote toer gaan doen.
Ik moet er nodig heen, heb mijn K M's te doen
Ik heb een linkerschoen met een gescheurde zool.
Kunt u ons de weg naar Chastre verklappen meneer?
Ik ga de 160 doen ik heb het echt van doen
De kilometers tikken en die tikken weg
Weet u ook de weg?
Ik weet hier heg nog steg.
Kunt u ons de weg, de weg, de weg, de weg, de weg, de weg...
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
De kortste weg, ik wil terug!
Je hoeft ons maar te wijzen, tot de poort maar vlug.
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Chastre, Chastre, Chastre...
Kunt u ons de weg naar Chastre vertellen meneer?
Diest behoort ondertussen al tot de tradi’s, maar blijkbaar had ik die van « de kelberg » nog niet eerder gereden. Aan het voetbalterrein tegenover de Halve maan was voldoende parkeerplaats, en even later konden we onze fiets achterlaten op de bewaakte fietsenparking voor ons in te schrijven.
Door de stemplicht werd er op verschillende uren gestart door de Zoenkers. Riet en ik startten iets na 9 uur, maar er vertrok reeds een delegatie om 8.00 uur en andere kiezers vertrokken nog later dan ons. Vermoedelijk hebben we net alle ZoeNKers gemist. Niemand gezien niet voor, tijdens of na.
Het parcous lag er superdroog bij waardoor het een echt daasparcours werd. Echt veel heuvel zat er niet in. Een goed bewegwijzerd parcours bracht ons aan de Aquarius bevoorrading en uitgebreid buffet. Nadien nog enkele kilometers, ene drinken en terug richting Leuven om bij een BBQ de verkiezingsuitslagen op te volgen.
Als we deze - ondanks zonneschijn - tamelijk frisse zondagochtend in Corroy-le-Château toekomen, schiet het ons weer binnen: hier was verleden jaar dorpsfeest en fietsen was eigenlijk bijzaak: springkastelen, eendjes vissen en blikken dozen omver gooien zullen vandaag nog veel volk lokken ! Niettemin hadden ze toen een mooi parcours uitgestippeld. Dat verbaast niet, want Corroy ligt naast Gembloux in droog Haspengouw en is dus ook een buurdorp van Sauvenière en Mazy, goed gekend bij bikers. Het zal vandaag niet anders zijn. De mensen stromen uit en naar de lokale school om te gaan stemmen. Dat de zege van een Vlaamse nationalist dit land na 40 jaar nog eens een Waalse Premier zal geven, weet op dit ogenblik nog niemand (dit kan je buitenlanders amper begrijpelijk maken....) De barbecue staat al gereed en iedereen loopt goed gezind rond. Integenstelling tot verleden jaar duikt de Voorzitter – eerst telefonisch- dan wel bij levende lijve op, al is hij een half uur (30 minuten => in letters : dertig !) te laat. De bankdirecteur is er ook en heel zakelijk vertrekt het Zoenk-kwartet voor de 50 km. Birgit rijdt vóór want we zijn te snel voor haar, zegt ze. Na de eerste bevoorrading – waar er overigens vier soorten zelfgebakken crêpes worden aangeboden (waarvan één met Cointreau) - met moet dit worden herzien. De Posse en de Voorzitter zijn ook te rap voor mij... :-/ De “op-naar-de-90-kilo”- uitdaging, die ik al een tijdje aanga, heeft zo haar gevolgen....
We hebben de streek bijna voor ons alleen, afgezien van een paar ontmoetingen aan de bevoorrading en tamelijk wat kinderen en families die we op de gezamenlijke stukken inhalen. De MTB-nazaten rijden door de soms heel moerassige stukken dapper en verbazingwekkend goed mee. Tof om te zien.
De tocht is een mengeling uit min of meer gekende stukken uit de tochten van bovengenoemde buurdorpen. Wegelkes, boskes, riviertjes, alles is pittoresk. Wat wel groot en oneindig is, zijn de akkers en sommige veldwegen. Veel ongerepte natuur kom je in zo’n agrarisch gebied natuurlijk niet tegen. De vallei van de Orneau en le Bois de Chenémont maken dit gedeeltelijk goed. Ook een plaatselijke kasteel en de heuvelachtige op-en-af-wei met het hoge gras aan de voet van een grote hoeve, zijn weer in het parcours opgenomen. Dit zijn heel originele privé-wegen.
Ietwat eentonig wordt het af en toe en vooral tegen het einde. Maar er is niets aan te doen: Corroy ligt midden tussen akkergronden en daar moet je nu eens door om terug te kunnen. Dat valt vooral in het laatste stuk vanaf Mazy op, dat dan ook het minste is. Dit is wel niet erg, want de pains-saucisses liggen al op de rooster en la Super des Fagnes staat al koud. Hoe vlugger we binnen zijn, hoe beter ! Al bij al een goed afgepijlde gezellige zomertocht met uitstekende bevoorradingen en tamelijk veel afwisseling.
De ZoeNKers hadden dit WE de keuze tussen Langdorp en Lesve.
Een paar moedigen waren gisteren al de Hagelandse chronorit gaan rijden, goed voor 80 km van de beste tracks daar in de streek. Dus vandaag trekken we de andere kant op.
Verandering van spijs doet immers eten.
Sinds de mail donderdag uitgestuurd was, had ik nog geen enkele reactie gekregen. Waren ze nog allemaal stikkapot van het fantastische MBCZ clubweekend, mochten ze toch niet buiten van hun madam ter compensatie van hun afwezigheid vorig WE, ...... Je weet het niet hé.
Alleen Andreas doet om poging om het startuur een uurtje te verlaten en voor de 60 km te gaan.
Birgit en Alain springen blijkbaar mee op de kar.
Ik waag nog een gokje en kruip om 6u20 uit mijn bed alwaar mijn madam mij achterna roept dat ik “goed zot” ben. En misschien heeft ze nog wel gelijk.
Ik hoop op een enkel SMS’je, maar niets. Geen teken van leven van de overige ZoeNKers.
Dan maar mee met Andreas en de divisie Kampenhout. Aan de Chateau de Namur staat Andreas al te wachten evenals de lege wagen van Nicky. Zij is samen met een andere Zoenker dus toch om 7u vertrokken..... als ik het geweten had, shit.
We zijn hier nog nooit gaan rijden maar als je de namen van de omliggende gemeenten (Lustin, Profondville, Godinne) hoort dan weet je dat het hier stevig op en af gaat. We vertrekken samen en na 1 km opwarming op de baan duiken we het veld in. En duiken is hier letterlijk te nemen : we dalen direct 60 hm om daarna even de vallei te volgen. Maar lang duurt deze rustpauze niet want het echte werk begint. De ene helling wordt gevolgd door een al even uitdagende afdaling en voor we het weten zitten we in de vallei van de Mollignée.
Voor de geinteresseerden : je kan hier met een ‘railbike’ de oude spoorweg affietsen, eesn iets wat anders dan MTB maar zeker zo vermoeiend. J
We passeren de ruines van Montaigle waar ooit nog de regent van Vlaanderen gewoond heeft. Diene mens heeft zelfs nog in de Guldensporenslag meegespeeld. Alhoewel het er toen een beetje serieuzer (en bloediger) aan toe ging.
Aan de tuinen van Annevoine, waar de 2de bevoorrading staat, komen we Dirk Merckx en enkele mannen van MTB Overijse tegen. Incl. Wim Hermans die na een winterslaap blijkbaar terug wakker is geschoten.
We doen ons tegoed aan de traditionele Waalse bevoorrading (grenadine en munt) want we moeten zodadelijk de ‘Sept Meuses’ op. Bovenop de ‘Sept Meuses’ is een soort platform gebouwd waar de parapentes zich de diepte in gooien en waar je een schitterend uitzicht hebt op de Maasvallei.
We hebben tot nog toe in een aangenaam weertje kunnen biken maar nu komen er dreigende onweers wolkan aandrijven vanuit het westen.
We proberen de regen voor te blijven maar enkele kilometers verder krijgen we een enorm onweer op ons dak. Soms zie je amper 50m door de slagregen en in de korste keren zijn we dan ook kletsnat. Onze tenuekes veranderen in wetsuites en het zeem in mijn broek is verandert in een spons....
Van dan af zetten we ons verstand op nul en beginnen we door te fietsen, kwestie van het niet koud te krijgen. Ondertussen zijn we volgens mij op het mooiste stuk van het parcours terecht gekomen : een singletrack van ongeveer 4 km op de flanken van de Maasvallei. Een keer moeten we van de fiets voor een stijle klimpartij maar voor de rest alles dik in orde en de herinnering aan het WE van vorige week zijn nabij.
We rijden nu richting Profondeville en dan weten we dat het einde niet ver af meer is. Net voor onze aankomst trekt de lucht terug open. En na een warme douche met veel te weinig water, kunnen we genieten van de traditionele hamburger en een streekbiertje ‘Cuvee Li Crochon’ .
Niet slecht dus drinken we er nog maar eentje.
En dan terug naar huis zeker om de beentjes wat te laten rusten. En dat is blijkbaar nodig want mijn madam zegt mij in de namiddag : “ Awel, je ziet er precies moe uit”
Zo'n heel MTBweekend achter de brood rijden, ipv rond de Rijnvallei aanrijden doet een mens toch wat extra motivatie geven. Dus zondag toch gaan rijden, zeker weten. Maar helaas de wekker vergeten te zetten. Dus als je om 8u20 maar uit uw bed komt, kan je dus niet om 9u aan de start in Langdorp staan.
Helemaal alleen dus vertrokken om 9u20 voor de 45. Achter de parochiezaal linksaf. Het parcours is licht hellend. De mogelijkheid om door de bossen te cruisen maakt deze tocht echt leuk. Na ongeveer 20 km komen we aan de bevoorrading. De plek kennen we, is exact op 3 meter van de start. Best in orde, drank fruit koeken. Daarna terug het brugje over, de andere kant op. Na de brak hetzelfde parcours.
De laatste lus efkes afgesneden. De conditie is er nog niet zoals het moet zijn na een WE fourieren. Het laatste stukske langs de Demer was het op recht op recht op het grote mes. Eerst nog gedacht bij de vader en zoon in het wiel te springen, maar het ging net een beetje veel te snel. Dus maar wijselijk ingehouden. Bij het binnenrijden zaten de Phille en Joris in het gras. Cloyke kwam net toe. Plat gereden en dus wat achterop geraakt.
Dit was dus de delegatie. De rest zat dus in dardennen of was nog aan het recuperen van de chrono. Toffe TT en als verstokte kerktoren rijder, is dit een TT waar ik graag terugkom.
Na een opwarmertje van zes km van mijn voordeur tot aan de kerk in Langdorp heb ik me al in het zweet gefietst. Ik heb me juist ingeschreven als Michel en Karel ook toekomen. Het is al bijna half elf als we starten. Posse zullen we dus net gemist hebben.
Al van de eerste kilometers weegt de hitte op mijn benen en mijn wielen draaien een beetje vierkant. Michel daarentegen heeft er geen last van en fietst zich in enkele minuten uit mijn vizier. De rest van de tocht zal ik hem niet meer zien. Karel besluit het rustig aan te doen en zal me de ganse tocht vergezellen.
Het eerste deel van de chrono is het draaien en keren over de alom bekende Langdorpse single-tracks. De kleine gele pijltjes zijn net iets te weinig opvallend, waardoor we enkele malen verkeerd rijden. En wij niet alleen.
Na 20 km passeren we de start en even later komen we aan de eerste bevoorrading. Vooral wat vocht bijtanken, want de volgende 20 km krijgen we vooral de Wijngaerdberg en de Tienbunders voorgeschoteld. Karel mist een pijltje waardoor we een kilometertje te ver bergaf rijden. Dit wordt snel rechtgezet en op een goeie 40 km bereiken we de tweede bevoorrading.
Daarna gaat het op en af over een stukje Blosoroute in Nieuwrode en tussen de wijngaarden in Wezemaal en ik weet niet waar nog overal. Op 60 km komen we aan de derde en laatste bevoorrading.
Het laatste stuk fietsen we over de typische paden in Gelrode, de singletracks van de Hertogsheide en het Kloesebos en natuurlijk wordt de berg met de Orleanstoren niet vergeten. Dan nog enkele kilometers uitbollen langs de Demer en we zijn binnen met 82 km op de teller en 1100 hm in de benen.
Na twee dagen zon en kuitenbijters, is het de derde dag eens iets anders: wolken, regen en kuitenbijters. Vandaag is Peter onze gids. Met hem zullen we vandaag 40 km fietsen en zo’n 900 hm overbruggen.
Onze tocht begint met een gemakkelijke afdaling, dan een opwarmertje over vlakke wegen en dan zijn we weer vertrokken voor mooie klimmetjes en singletracks. Voor de bevoorrading krijgen we nog een technische afdaling voorgeschoteld over een smalle singletrack met boomwortels.
Onder de toren van een kasteelruïne staat Jeanke ons op te wachten met den break. Eventuele kandidaten voor de bezemwagen kunnen zich nu melden, maar gezien de topconditie van al onze ZoeNKers is dit natuurlijk niet nodig.
Na de bevoorrading gaat het nog stevig op en af. Er zit nog een lange klim tussen met haarspeldbochten en iedereen denkt blijkbaar dat achter elke bocht een plak staat. Een beetje later krijgen we het klooster terug in zicht en er volgt nog een allerlaatste slotklim over asfalt.
Het clubweekend 2010 wordt traditioneel afgesloten met champagne en de nodige bedankjes aan Andreas en gidsen. Over bedankjes gesproken: ik wil toch wel een bijzonder dankwoord richten aan Andreas zijn schoonzus Sonia voor haar succesvolle jacht op mijn rugzak en natuurlijk aan Jokke voor de toeristisch rondrit door Dortmunt.
Terug in Leuven genieten we nog van de traditionele frit en het clubweekend zit er weeral op. Maar we kunnen al vooruitkijken naar het volgende, want er zijn reeds toekomstplannen gesmeed: GRG 2010 en ons volgende clubweekend zal misschien doorgaan in de Vogezen.
Zelf ben ik gisteren met de auto naar Waldbreidtbach gereden en onmiddellijk zagen we dat het hier een prachtige streek is. We zitten dan ook in de Rijnvallei en de dorpjes hier hebben nog dat typisch Duits-Oostenrijks karakter. En langs de flanken staan nog talrijke burchten, kastelen, kloosters, enz..
Waldbreitbach an der Wied is ook “gekend” om zijn ziekenhuizen : de zogenaamde “Klinieken” zoals daar zijn Sankt Josef Haus, Sankt Antonius, Sankt Marienhaus en de Westerwald Klinik. Al deze gebouwen met een prachtige architektuur liggen langs de wanden van de Rijn en zijn allen het rechtstreeks of onrechtstreeks gevolg van het engagement van één vrouw Margarethe Flesch, stichteres van “Der Orden der Franziskanerinnen”. Deze orde zet zich reeds jarenlang in voor de zieken en zwakzinnigen.
En kijk...zelf onze verblijfplaats is gelinkt aan deze orde. Zou dat iets te maken hebben met de zorg van deze zusters voor “zwakzinnigen”? In ieder gaval zijn de zusters zeer gastvrij. En vanuit ons logement hebben we een prachtig zicht over de Rijnvallei met aan de overkant, op de top van een berg, ons doel voor vandaag: Die Wander- und Skihütte Malberg! En jawel, het weer valt ook mee. Ze geven tot 25 graden!
Alles is aanwezig voor een mooie dag en..effen af...dat wordt het ook. Nadat onze gidsen Erich en Sven zijn toegekomen stijgen we allen op de fiets en vatten de tocht van om en bij de 70 km met 1600hm aan.
We beginnen rustig, met een gezapige helling om de spieren op te warmen. Maar na nog geen 10 minuten horen we reeds geroep. In de achtergrond heeft Stefan op de helling zijn remmen te hard dichtgeknepen zodat zijn velg het begeven heeft. Snel besluit hij terug te gaan om daar een reservewiel uit de Jeanke zijne fiets te halen. Tijdens dit kleine oponthoud zien we een ree’tje weglopen over de gestrekte velden, tewijl er boven ons hoofd een valk op zoek is naar iets lekker. Man...wat kan het leven toch mooi zijn.
Wij vervolgen onze weg en het wordt steed wat steiler en de afdalingen worden steeds wat leuker. Alles wat we een paar weken geleerd hebben op de MTB-school kunnen we nu in praktijk omzetten. En bij de ééne lukt dat al wat beter als bij de andere. Grote ongelukken blijven uit. Wel moeten we 2 maal een extra stop in lassen voor 2 platte banden. Onder het perfekte tempo van Erich kan iedereen mooi volgen. Door de grote bende en de mooie maar af en toe ook pittge klimmetjes, schuiven de kilometers maar langzaam voorbij. Het is dan ook al 13.30u als we aan onze eerste bevoorrading komen. Vele hebben al seriueze honger gekregen en daarom besluiten we maar om van deze break onze hoofdbreak te maken en de traditionele clubkes met kaas en hesp te maken en te verorberen. Nu ja, iedereen buiten Geert. Die heeft het te druk om zijn eigen “Rohloff-ketting-opspan-wieltje” juist af te stellen. Ik betwijfel of hij dit idee ooit zal kunnen commercialiseren...
We zetten na een uurtje onze tocht verder met een prachtig zicht over de vallei waar de Rijn zich doorkronkeld als een slang op zoek naar een prooi. En dat doen wij ook...en onze prooi is een skihut met Weissbier! Maar daarvoor moeten we eerst nog enkele malen de vallei induiken... en er terug uit komen. Met steeds weer als beloning een prachtig vergezicht. En dan maken we ons op voor de laatste lange en zware klim naar de skihut. Aan de voet van de klim rijdt Karel plat en geeft aan sommigen van ons de kans om rustig deze klim aan te vatten. Halverwege wachten we even op de rest om dan nog samen het steilste stuk aan te vatten. Te steil voor sommigen die dan ook even hun Nordic walking sticks moeten boven halen. Maar het einde is in zicht, want even later zitten we met ons allen op het terras van de skihut. In het zonnetje met een frisse Weissbier (het moet niet altijd Leffe zijn hè) en zicht op onze verblijfplaats ... aan de overkant van de Rijn. Dat wil dus zeggen nog eenmaal een prachtige signletrack naar beneden en weer naar boven.
Iedereen haalt het en niemand heeft gebruik moeten maken van de bezemwagen.
Er wacht ons nu nog de traditionel BBQ en kwis!
Oeps, toch niet. De kwis heeft dit jaar plaats moeten maken voor een pokeravond.
Ik kijk er wat tegen op, maar eenmaal in het spel komt de winnersmentaliteit naar boven en wil je iedereen bankroet spelen. En in deze tijden gaat dat nu eenmaal eenvoudiger met een bankdirecteur dan met iemand anders! Er wordt nog ne leste gedronken en dan nog een Duvelke of Jeneverke. Maar rond 02.00u besluiten we toch maar om het licht uit te doen want morgen staat er weer een pittig ritje op het programma.
Gary Fischer is netjes gepoetst. Niet dat je het verschil merkt… Op de ketting ligt een laagje olie en op mijn vel een laagje tegen de zon. Er rust een nieuwe zonnebril op mijn neus. Ik ben klaar om op fietsweekend te vertrekken. De anderen zitten al voor de ingang van het station te wachten: Nicky, Andreas, Phille, Joris, Kris. Sommigen van hen zijn al volop bezig om koffiekoeken naar binnen te werken, kwestie van genoeg energie op te doen voor de komende rit. Iedereen is er al, behalve Karel… Alles verloopt dus volgens plan. Als die uiteindelijk gearriveerd is begeven we ons naar het perron om de trein naar Welkenraedt te nemen. Als de trein het station binnenrijdt, fietsen we naar de kop van de trein waar de conducteur is uitgestapt, en waar in principe plaats is voorzien voor fietsen. Als de conducteur hoort dat we 7 fietsen moeten meenemen zegt hij “oh la la, dat zal moeilijk worden, er is vooraan maar plaats voor twee fietsen!”. Daarmee heeft hij zijn taak als informatieverstrekker vervuld en kan hij ons met een gerust hart verlaten. We stallen onze fietsen in het opstapgedeelte van de wagon. Dat vormt gelukkig geen probleem omdat we bijna de enigen op de trein zijn.
Na een dik uur staan we op het perron van Welkenraedt en kunnen we eindelijk beginnen aan het echte werk: een korte rit naar het station van Aachen. We rijden met een goed tempo over kleine asfaltweggetjes. Als we een flauwe helling oprijden gaat Kris eens rechtstaan op zijn trappers. Een materiaaltest die direct fataal afloopt: zijn ketting breekt. Hoooow! Hoooooow! Een eerste workshop dringt zich op. Als het euvel verholpen is rijden we verder. We eindigen met een mooi stukje mountainbike door het Aachener Wald waar Andreas nog mooie momenten heeft beleefd tijdens zijn studententijd. In Aachen nemen we plaats op het terras van een bakkerij. Tijd om rustig een broodje en een cappucino naar binnen te werken tot Andreas plots aankondigt dat de trein naar Keulen in het station binnen een dikke 10 minuten zal vertrekken. We springen in zeven haasten op de fiets en rijden naar het station. Als Andreas de tickets gekocht heeft staat de trein al op het perron en hebben we nog maar een paar minuten om op te stappen. Er is geen tijd meer om de wagon te zoeken waar de fietsen kunnen gestald worden en dus stappen we gewoon met 7 fietsen op. Het is een trein met 2 verdiepingen en als we uiteindelijk met veel gesukkel allemaal op het opstapgedeelte van de trein geraken zodat de deuren toekunnen is de doorgang volledig geblokkeerd. We staan kris kras door elkaar, Joris houdt zijn fiets zelfs de hele tijd verticaal op het achterste wiel om plaats te sparen. Een halte later wurmen we ons zo snel mogelijk terug naar buiten en racen we over het perron naar de achterste wagon. Daar is inderdaad plaats voorzien voor enkele fietsen, maar niet voor allemaal. Joris en Kris parkeren hun fiets op weg naar de tweede verdieping van de trein en gaan op de trap zitten. De anderen parkeren hun fietsen beneden in de wagon tegen fietsen van andere reizigers. We gaan zitten op enkele uitklapbare stoeltjes die nog vrij zijn. Het is een rit van 40 minuten naar het Keulen.
Na enkele haltes stapt er een vrouw op de trein met een vouwfiets. Ze plooit haar vouwfiets op en probeert de opgeplooide fiets te parkeren tussen twee meisje die naast elkaar op een vouwstoel zitten. Het lukt niet goed omdat er te weinig plaats is, maar ze dringt en wringt zoveel dat één van de meisjes van pure ellende uiteindelijk gewoon opstapt en ergens anders gaat zitten. Dat vindt de vrouw met de plooifiets prima. Ze haalt een groot slot boven en verankert haar fiets aan een paaltje naast de klapstoel waarna ze tevreden een open plaats zoekt. Nog een beetje later stapt een groep blinden op. Sommigen zoeken hun weg naar boven op de trap en tikken met hun stokken tegen de fietsen van Joris en Kris. De anderen wachten in groep beneden aan de deur, ze zijn met veel en blokkeren volledig de doorgang. Ik kan nog maar net een glimp opvangen van de twee zoenkers op de trap. Intussen wordt het alsmaar drukker op de trein. Als de trein weer eens stopt wil een man afstappen, maar het lukt hem niet omdat er blijkbaar enkele fietsen van ons in de weg staan. We proberen de fietsen dieper in de wagon te brengen zodat de man een doorgang heeft maar het lukt niet omdat er te weinig plaats is. Er wordt snel beslist om even met de fietsen af te stappen, iedereen door te laten, en daarna weer op te stappen. Phille, Nicky, Andreas en Karel stappen af met twee fietsen. Daarna sluit de trein zijn deuren. De buitengesloten Zoenkers reageren ontsteld en proberen duidelijk te maken dat er een probleem is. De trein zet zich traag in beweging, rijdt een eindje en stopt uiteindelijk op het einde van het perron. Misschien heeft de conducteur het probleem opgemerkt en kunnen de Zoenkers terug opstappen. Het blijkt valse hoop… De trein trekt zich weer op gang. Phille klopt op de ruit en gebaart nog dat ik zijn rugzak niet mag vergeten van de trein nemen. Houston, we have a problem...
Ik verzamel de rugzakken van Karel en Phille en de helm van Phille en leg het materiaal bij mij. Daarna roep ik over de groep blinden heen naar Joris dat we een probleem hebben omdat er een aantal van ons vroegtijdig zijn afgestapt. Hij kan me niet verstaan en glimlacht alleen maar een beetje. Ik weet in ieder geval dat we in Keulen moeten afstappen. Een buurvrouw zegt me dat dat het volgende station is. Als we in Keulen aankomen heb ik maar één prioriteit: zorgen dat alle fietsen en het andere materiaal van de trein is voor deze weer zijn deuren sluit. Dat is niet evident want Joris en Kris weten niet eens dat we er hier af moeten en er staat een grote groep in de wagon die alles blokkeert. Als de trein zijn deuren opent beginnen er allerlei mensen uit te stappen, ook een deel van de blinden stapt af. Ik heb reeds al het materiaal en de fiets van Nicky genomen en als Kris van de trap komt vraag ik hem om ook twee fietsen te nemen. Joris brengt de overblijvende twee fietsen mee. OK het ziet er naar uit dat we niets vergeten zijn… Nu pas dringt het helemaal door bij Joris en Kris dat de anderen er niet bij zijn. We wachten even op het perron en proberen te bellen met de andere Zoenkers om te horen hoe ze terug bij ons zullen geraken. We krijgen telefoon van Jokke die weet te melden dat we in Keulen moeten afstappen en dat de anderen met de volgende trein achterna zullen komen. Het ziet er naar uit dat de vertraging die we hiermee oplopen nog gaat meevallen. We besluiten aan het stationsplein met zicht op de Kölner Dom te wachten met een fris Kölsh biertje. “Elk nadeel heb zijn voordeel”: Terwijl we op de anderen wachten kunnen wij hier een frisse pint drinken in het zonnetje met zicht op de kathedraal en de vele meisjes die er langs flaneren...
Een kwartiertje later verschijnen de anderen terug op het toneel. Ze checken onmiddellijk of we alles bij hebben maar bij Nicky is het blijkbaar fout gelopen. Haar helm en rugzak ontbreken. Shit! De rugzak lag waarschijnlijk onder een klapstoel waar iemand opzat. Hoe kan ik daar nu naast kijken… Het verlies van de rugzak is een kleine ramp voor Nicky. Alles zat er in: bankkaarten, huissleutels, GSM, autosleutels, identeitskaart, rijbewijs, bril… Er wordt beslist om zo snel mogelijk telefonisch de Visa kaarten te blokkeren. Andreas begeeft zich naar het station om te informeren hoe we de rugzak en de helm kunnen terug krijgen. Terwijl we een Kölsh drinken op een terras zit Nicky al op te sommen welke problemen ze allemaal zal moeten oplossen als ze eenmaal terug thuis is: een ander slot laten steken, andere documenten en kaarten aanvragen. Gaan werken met haar sportbril met gele glazen?? Als Andreas terug komt heeft hij een blad bij dat Nicky moeten invullen om de rugzak terug te krijgen als hij gevonden wordt. Andreas gelooft niet dat het iets zal uithalen. Maar hij heeft nog een andere piste in petto: hij heeft zijn schoonzus gevraag om met de auto de trein achterna te rijden naar Dortmund en daar de rugzak te gaan zoeken in de laatste wagon. Ze is al onderweg. Als ze het haalt hebben we een goede kans dat alles alsnog goed komt. Een half uurtje later klinkt gejuich op een terras aan de Dom: rugzak en helm zijn terecht. Het is een hele opluchting, en niet alleen voor Nicky. Drie maal hoera voor de schoonzus van Andreas.
Als de Kölsh is in de man dan is de wijsheid in de kan. Phille heeft al geopperd dat het met de opgelopen vertraging niet realistisch meer is om de hele tocht door het bos te gaan doen, maar zijn argument wordt van tafel geveegd. We bestijgen ons stalen ros en vlammen met een tempo van 30 km/u langs de Rijn richting Waldbreitbach. Na een rit van 40 km en nog een lekke band onderweg van Phille komen we aan de plek waar Andreas afgesproken heeft met onze gids Erich en zijn zoon Sven. We trekken naar een bakkerij waar we een broodje eten en opnieuw de drinkbussen vullen.
Met Erich op kop beginnen we aan het laatste stuk door het bos. Het wordt nog een zware tocht met enkele pittige hellingen en aan het einde nog enkele mooie single tracks. In Waldbreitbach drinken we nog een Weissbier (aangevuld met bananensap) om de innerlijke mens te versterken alvorens de laatste klim naar het weekendhuis aan te vatten. Volgens Joris zouden twee lendenrukken moeten volstaan om deze laatste klim te bedwingen. Als we er eindelijk aan beginnen blijken er toch nog enkele rukjes meer nodig. Eénmaal boven worden we ingehaald door Posse en Kris die blijkbaar met de auto het streekbier ook al zijn gaan verkennen. Luc is bij Phille uitgestapt en beiden stappen samen de berg op. Als we de vertrouwde rode helm uiteindelijk zien opdagen vindt Phille zijn tweede adem. Hij sprint als eerste naar de oprit van het weekendhuis waar we al opgewacht worden door de andere clubleden. Tijd voor een frisse Leffe!
Lasne is een buurtgemeente van Waterloo en wordt als “Lâne” uitgesproken. Zoals hospital in het Frans ooit eens hôpital werd of een hostel een hôtel. Zo zit dat.
Lasne is de rijkste gemeente van het franstalige landgedeelte en misschien zelf van Belgenland tout court en moet niet onderdoen van eeuwige rivaal Sint-Maartens-Latem, integendeel: in Lasne hebben ze mooie huizen én mooie single-tracks, iets waarover ik in SML niet kan oordelen. Zijn er tochten ginder ? Dan gaan we er eens naartoe.
Bovendien ligt het vertrek al sinds jaar en dag op een heuvel om erover naar huis te schrijven en heb je al verzuurde benen als je toekomt. Tenzij je klein genoeg geschakeld hebt.
Eén grote verandering stel ik dit jaar als “ancienne” vast: de belachelijk lage P.A.F. (participation aux frais) is meer dan inflationair gestegen ! Wat zou Geert Noels van een prijsstijging van 500% vinden ? Namelijk van 1 EUR naar 5 ! En dat in deze tijden... ;-))
Een tweede verandering is de super technische lus die de organisatoren als start-alternatief voorstellen. Daar de meeste deelnemers druppelsgewijs vertrekken en sowieso eerder naar de familiale en gezellige tocht tenderen, is er niet veel volk op dit tricky en heel leuk technisch stuk. Daarna gaat het voor allen zoals volgt: uitdagend en superdroog parcors, geen moment verveling, kerkwegels om ook over naar huis te schrijven, dure en grote huizen, de onvermijdelijke paarden in de achtertuin en heeeeeeel veel volk aan de bevoorrading. Ik voel me niettemin 10 km te zwaar en 15 jaar te oud en mijn benen doen pijn. Het feit dat het maandag is en mijn lichaam op zo’n ochtend geen inspanning gewoon is voor mij de voornaamste reden. Maar, mountainbiken is volhouden, dus blijf ik dapper doortrappen.
Het schitterende weer en de reputatie maken dat Lasne elk iets meer het “slachtoffer” wordt van zijn eigen succes. Andererzijd zijn de iets minder rappe bikers voor ons een goede reden om het tijdelijk iets gemoedelijker aan te pakken en zich erover te verheugen dat vooral in Wallonië de zondaagse MTB-bocht heel vaak een gezellige uitstap in familie- en vriendenkring is. Je zou er nooit een onvriendelijk “oui ! oui ! ” achter jou horen, gegromd door iemand die je vóór de volgende bocht absoluut nog wil inhalen.
De files aan de pain-saucisse-stand zijn ook hier lang, maar de gezelligsheidsfactor ná de tocht ligt even hoog en dus blijven we tot bijna 16 uur hangen. En we waren nog niet eens de laatsten ! Tot volgend jaar, zou ik zeggen, want in Lasne schijnt op Pinksterenmaandag altijd de zon.
Ik arriveer rond half 10 aan de inschrijving in La Reid voor de 70 km van de Ardennes Trophy. Andreas staat al klaar. Nicky en Michel zijn blijkbaar al vertrokken voor de 90 km. Na de inschrijving gaan we naar de groepsstart. Dat is nog wat wachten. Uiteindelijk vertrekken we rond 10 uur.
De eerste kilometers is er nogal wat asfalt te verwerken. Dan beginnen de eerste bossen met veel wortels.
Van het midden herinner ik me zoals doorgaans niet veel meer. Behalve dat de omgeving prachtig is. Dat het soms zalig rondkijken is over de omgeving wanneer je uit een bos komt. Dat er vele stevige klims in zitten. Dat er vele beekjes worden overgestoken. Dat er schitterende snelle afdalingen zijn. Dat de bepijling soms minder duidelijk is. Dat er wel drie bevoorradingen zijn maar dat die minder goed georganiseerd zijn (lang wachten). Dat is het zowat. We springen dan maar direct naar het einde.
De teller geeft nu al tegen de 74 km aan ook al volgen we de pijlen. Nochtans zijn we duidelijk niet in de buurt van de finish. Bij het oversteken van een weg die door het bos snijdt komt er een ganse groep van de overkant teruggereden. Dan merk ik dat ik een platte band heb. Bij het verwisselen van band bediscussiëren we wat we gaan doen: we zitten nog altijd in de middle of nowhere, nemen dan maar geen risico's en rijden over het asfalt terug (dank u iPhone + Google Maps). In ons zog volgt een groepje Nederlanders die ook verdwaald zijn. Ik denk er even aan om rattenvanger van Hamelen te spelen maar Maps toont de grotten hier in de buurt helaas niet ;-). Na een kleine 10 km over de weg passeren we de aankomst met een 83 km op de teller. Blijkbaar worden voortdurend rijders door onduidelijke bepijling naar een ander stuk van het parcours geleid. We horen immers dat de organisatie mensen heeft uitgestuurd om ergens fietsers terug het parcours op te sturen. Enfin, onze tijd is dus naar de kl*ten. Bij de aankomst worden we, materialisten die we zijn, nog eens teleurgesteld: voor een flinke €25 inschrijving krijgen we niks: geen cadeautje en zelfs geen verfrissing. We leggen ons dan maar in het groene en sappige gras en wachten met een Chouffe in de hand op Nicky en Michel. Die blijken uiteindelijk mooi 90 km gedaan te hebben. We keuvelen nog over de geneugten en teleurstellingen van deze tocht, doezelen wat in de zon en keren dan terug naar huis.
Om de laatste nodige trainingskilometers zowel voor lengte- als hoogtemeters af te malen trok ik naar Waver. Onder een stralende hemel waren verschillende Zoenkers present en vertrokken we voor de 55km. Beginnend met een kleine hindernis, een slalom tussen hekjes, te nemen om het plaatselijke park te kunnen doorrijden. Daarna ging het gezapig en te samen tot aan de eerste bevoorrading waar de onvermijdelijke grenadine ons opwachtte. Naast de nodige koolhydraten wachtte ook een zwerm muggen ons op. Verzadigd en overbeten werd de toch verdergezet.
Het tweede deel was op papier minder zwaar. Toch een onverwachte, technische hindernis trappen naar beneden en mooie afdalingen. Dit was geen probleem voor de mensen die de rijcursus in Spa gedaan hebben. Langs het jaarlijks terugkerende golfterrein waarna een korte kasseistrook kwam waarop de laatste 2 minder goed dalende Zoenkers terugkwamen tot bij mij. Hierna kwam de langste zandbak uit mijn carrière waar iedereen van de fiets moest. Iets later bleek de bevoorrading traditioneel in de woonwijk te staan. Hier leek de grenadine nog net iets straffer dan bij de vorige bevoorrading.
We trokken verder, terwijl ik mijn eigen tempo zocht, reed de rest weg van mij uitgezonderd Wakeske. Wakeske reed na een afdaling lek, waarbij hij dan tot de conclusie kwam dan een binnenband niet op elk type fiets te gebruiken is. Na een afdaling met verschillende keien kwam de laatste, kleine break. Hier werden vreemd genoeg koeken aangeboden om te recupereren. Daarnaast nuttigden we een flesje water en reed ik met Wakeske verder langs de baan wegens het gebrek aan binnenbanden. Met 50 kilometer op de teller arriveerden we terug aan de startplaats.
Ik parkeer me naast Posse, Luc en Kris op een weide die als parking voorzien is. We zijn de eersten die zich hier parkeren en er is dus nog plaats genoeg. Het belooft een prachtige dag te worden om 110 km te biken in de streek rond Aarschot. Mijn collega zoenkers hebben hun fietsen meegebracht in de koffer van Posse en zijn druk in de weer met kaders, wielen, … Maar dan klinkt gevloek… “Zeg dat het niet waar is!”. Posse is zijn tas vergeten en heeft dus geen fietsschoenen bij. Er zit niets anders op dan rechtsomkeer te maken en een toertje te rijden in de buurt van Tienen. De 110 in Wolfsdonk zal nog een jaartje moeten wachten. Even later komen Joris, Phille, Wim en Geert toe op de parking. Wim heeft nog een primeur: een splinternieuwe wit-rode CUBE type “Reaction”. Ongetwijfeld een klassemachine. Laat het Zoenk weekend nu maar komen!
Aan de start worden we nog opgewacht door Niki, Bart, Tom en Kathleen. Ik schrijf me samen met Joris en Niki in voor de 110, een lange rustige rit is de beste voorbereiding op de Ardennes Trophy die binnen een dikke week op het programma staat. Het parcours van de 3action classic is heel afwisselend en bevat veel lange single tracks door de bossen in de buurt van Wolfsdonk. Met het droge weer van de voorbije dagen is er geen spatje modder te bekennen. De mannen die voor de 65 en de 85 gaan maken het tempo en ik probeer aan de verleiding te weerstaan om in hun wiel te blijven. De tocht is immers nog lang. Na een dikke 20 km krijgen we een eerste goed verzorgde bevoorrading en rond 45 km volgt een tweede bevoorrading. Na de tweede bevoorrading is het ook tijd om afscheid te nemen van onze vrienden die voor de 85 gaan. Geert probeert ons te overtuigen om mee de 85 te doen, maar vangt bot. Het weer en het parcours zijn te mooi om dit te laten liggen. De derde bevoorrading na 65 km is gelegen aan het kasteel van Horst. Je hebt er een geweldig uitzicht op een kapel en een boom die eenzaam tegen de blauwe lucht afsteken op een groene heuvel. Het is ondertussen al 12.30, en hoewel we nog niet moe zijn begint het al te dagen dat het toch nog ver is. We rijden aan een rustig tempo samen verder. Na 75 km begint Joris het lastig te krijgen. Op elke helling blijft hij een beetje achter maar in de vele lange afdalingen maakt hij dat ruimschoots goed. Rond 90 km volgt geen minuut te vroeg een laatste bevoorrading. Vol goede moed beginnen we aan het laatste stuk. Naar ik mij herinner van vorige edities een niet te onderschatten deel aangezien het een lange aaneenschakeling is van single tracks. Draaien en keren tot je er helemaal het noorden bij verliest. Joris leeft er helemaal van op en we ronden de laatste 15 km af aan een strak tempo. Aan de aankomst krijgen we nog een gratis drinkbus en een spaghetti, en genieten we nog in de zon van een lekkere trappist. Proficiat aan “Wolfsdonk OEp Wiele” voor deze prima organisatie!
De trein gemist maar niet getreurd, dan beginnen we er maar wat later aan. Vlotjes ingeschreven en weg voor 40 km. En ik kan het nu al zeggen, dit is een mooi tochtje. We starten met eerst wat spielerei in het plaatselijk bosje naast de sporthal, een goede opwarmer voor de rest af te handelen. Afwisselend tussen bos en veld werd er op tijd en stond een goede kuitenbijter met bijhorende toeschouwers in het parcour gegooit. De geleerde rijtechniek kwam van pas, van een "pedal-kick" tot uw gat achter uw zadel hangen en bij steile stukken op het puntje van uw zadel met de armen gebogen naar boven rijden, alles kwam aan bod. Blij zag ik bij de aankomst de rest om samen een goede Leffe te drinken in een mooi weertje. Wat moet er nog meer zijn.
Een TT moet je zien als een bende Neanderthalers die fysiek avontuur zoeken nadat ze in een hol met hun wulpse vrouwen al een hele week hebben liggen zwelgen van een vers geschoten mammoet.
Sommigen zijn in staat om de vleesproteïnen om te zetten in evolutie van hun hersenen.
Ze gaan zich gedragen als homo sapiens.
Anderen blijven hangen in hun holgewoonten en zullen nooit verstandelijk in staat zijn om het wiel uit te vinden, laat staan te gebruiken.
Zij zullen waarschijnlijk op een dag opgepeuzeld worden door een verhongerd reuzezwijn.
Deksels nog aan toe!
Sabine de weertrut heeft ons weer goed liggen gehad!
Heel de week mekkeren dat het zondag slecht weer gaat worden.
En dan kom je daar aan in het hartje van Wallonie en schijnt de zon!
Megalomanie in de Walen : de Neanderthaler die het ooit in zijn hoofd heeft gehaald om Fosses een ville te noemen, had waarschijnlijk net een nieuw grottenstelsel gevonden naast zijn spelonk.
Fosses, het boerengat zou nu meer realistisch klinken.
Ik arriveer stipt om 9h aan de ingang van de voetbalkantine in de Slachthuisstraat van Fosses.
Zoals verwacht is er geen (andere) kat van de Zoenk komen opdagen.
Ze hebben ongelijk, die bedlegerige luiwammesen die te veel naar Sabine hebben geluisterd want het is hier wel bewolkt maar er komt met momenten een zonneke piepen.
De inschrijvingsdame is een omaatje.
Ze probeert zich, ondanks de koude in de onverwarmde kantine, waardig te houden.
Haar dochter, of het meisje dat uit is op haar centen, heeft thuis, 20 km verderop, net een zelfgebreide pull gehaald.
Daar was tijd genoeg voor want er zijn om 9h toch nog maar 5 bikers ingeschreven.
Door de slechte weersvoorspelling is de 52 km omloop van de tabellen geschrapt.
Dus gaan we voor de 45.
Het kerkje van Fosses lijkt een beetje op een moskee.
Misschien is er hier na die megalomane Neanderthaler een horde Noord Afrikaanse Moren neergestreken die dachten dat Fosses LA VILLE wel een echte stad was…
Het eerste stuk van het parcours gaat over een plateau met uitgestrekte velden.
Onze Waalse oervriendjes hebben hier een mega windmolen park neergepoot.
Ik blijf even onder de wieken stilstaan (en word er zeeziek van).
Mijn banden staan nog altijd op Spa spanning.
Ik moet toegeven : de weg van gestorte keien langs de windmolens rijdt een stuk comfortabeler met die lagere bandenspanning.
Dan duiken er een rist tweede categorie Neanderthalers op.
Ze zijn uit hun grot gekropen hier vlakbij, in Spy, en proberen met hun fiets (altijd fully) iets te doen dat lijkt op mountainbiken.
Uit de weg bende holbewoners!
Hier komt een gebrevetteerde Vlaamse homo erectus met kouskes van de mtb-school!
Die zal jullie eens zal laten zien hoe je een helling afrijdt!
Miljaar, hebben onze mtb docenten vorige week in Spa wel uitgelegd wat je moet doen als de ondergrond nat ligt en zowel je achter- als je voorrem doorslippen?!
Ah ik weet het weer! Disken installeren op je vlo!
Maar daar heb ik NU niet veel aan.
Euh, dan maar voetjes op de grond?
Ondanks de bakken regen van afgelopen nacht ligt het oerbos van Fosse er nog behoorlijk droog bij.
Alleen de riviertjes barsten uit hun oevers.
En ik ben mijn voetsletten vergeten in de auto van Joris…
De eerste bevoorrading is er al na 13km en na de bestijging van de pittige Samber vallei.
Er staat daar wel 5 man!
Ruw en onbeschaafd slurpen ze aan groen of rood kleurstofwater.
Er is ook een mtb tandem bij.
En die telt zeker voor 100 Neanderthalers!
Dus kan je het aantal deelnemers toch schatten op 105.
Mijn rohloff heeft de beekjes en de stenen tot nu toe goed verwerkt.
De bende wilden aan de bevoorrading vergapen zich aan mijn naaf en grommen binnensmonds.
Ze zijn er nog niet aan toe…
Eerlijkheid gebied mij wel te vermelden dat ik met een vervangnaaf rij.
Ik heb de mijne in de gort gereden op de prima vera.
Tis te zeggen, fietsen Koen vond het raadzaam om hem op te sturen naar de Germanen ter controle…
Na de bevoorrading gaat het behoorlijk klimmen.
Door de bossen maar ook door kleine Waalse dorpkes waar de tijd nog stiller is blijven staan dan in Fosses.
Fertival, bijvoorbeeld.
Daar zouden ze kinderloze koppels moeten naartoe sturen om wat leven in hun brouwerij te krijgen.
Het kerkje aldaar mag er wel zijn, helemaal in lokale grijze natuursteen opgetrokken.
Zo romantisch gelegen naast een schoon kabbelend rivierke.
Als ik daar in de buurt zou wonen, ik liet elke week mijn vlo zegenen!
De regen heeft sommige rivierkes uit hun oevers laten barsten.
Om er toch over te raken hebben de organisatoren paletten gelegd.
Mmm, zo’n pallet is natuurlijk wel een mooie gelegenheid om een pedal kick uit te proberen.
Ik positioneer mij, geef net voor de pallet een ferme kick.
Miljaar, mijn achterwiel slipt door en ik kom met al mijn gewicht op het voorwiel op die pallet terecht.
Dan kunnen er 2 dingen gebeuren.
Of je voorwiel krijgt een ferme slangebeet en je kan een nieuwe band steken.
Of je gaat overkop met je klikke en klakke in dat vermodderde rivierke.
Maar dat is zonder mijn Germaanse Magura MM100XC Menja voorwiel suspensie gerekend.
Ze drukt de volle 10 cm in en helpt me zonder kleerscheuren over de pallet heen.
Oeefff…
De tweede bevoorrading ligt in oorlogszone.
Een bende criminele paintball-Nubiers heeft zich vlakbij verzameld en zit te loeren op de arriverende bikers.
Gelukkig begint het net te regenen en trekt de horde zich met hun discobar terug in hun spelonk dicht bij het vuur van hun kamp.
De bevoorraders brengen het gespreksonderwerp BHV naar voren.
Blijkbaar is de regen die hier arriveert de schuld van Vlaanderen.
Tis ondertussen 11h geworden en de keuze moet gemaakt : opt gemakske binnenrijden (10km) of nog 25 km verderbollen.
De 5 andere bikers, die hier nog arriveren houden het voor gezien en rijden binnen.
Maar ik kies waar voor mijn geld en draai onder goedprijzend oog van de bevoorraders de 45 op.
Wel een beetje akelig als je kilometers aan een stuk helemaal alleen bolt.
Ook de koevaarzen in de eerstvolgende wei hadden zich niet meer verwacht aan een biker en stuiven gehartinfarcteerd in alle richtingen weg.
Van het verschieten heb ik niet meer de tijd om te reageren en rijd met volle snelheid het gezwollen riviertje in waarin de koeien stonden te schijten.
Verdomme, tot aan mijn knieen in het water.
Een geluk dat het zonneke terug begint te schijnen.
Naast koeien kom ik ook nog wat varkens tegen, wilde varkens.
In de Walen vind je die nog zonder probleem.
Met natte voeten en een stevige wind op mijn reet kom ik terug op het parcours van de 35 rijders.
Als een bezetene stuif ik de laatste suckers (chainsuckers) voorbij en rij het oude treintraject op.
Kilometers lang plat over de gestorte keien tegen 30/uur.
Tis eens wat anders.
Zeker in de regen die ondertussen is beginnen gieten.
Uiteindelijk, na wat sprinten over de asfalt tegen 50/uur komt de finish in zicht.
Zou ik mijn fiets afspuiten?
Ach, er hangt eigenlijk niet genoeg modder aan om in de kou achter de 5 andere deelnemende bikers aan te schuiven.
Dus snel droge kleertjes aan en naar huis.
Spijtig dat er geen andere Zoenkers bij waren want dan had ik zeker nog een blond brouwsel achterover hebben geslagen van een of andere lokale geestelijke instelling (Maredsous is niet ver)
Tzal voor volgend jaar zijn…
Geert
PS : Jokke, dat geheim trainingskamp dat ge vandaag had, was dat om af te kicken van uw verwarmde zetel?
Of was het een uitvlucht om u, op een regen voorspelde zondag, in een beauty salon eens volledig onder handen te laten nemen?
Veel bike opties waren er niet dit week-end en het weer zag er ook al niet al te geweldig goed uit, maar toch afgesproken met cloyke om al om 8.00u te vertrekken in Jodoigne. Onderweg naar daar begon het weer meer te regenen maar ja we waren nu vertrokken dus moesten we er maar voor gaan. Aan het vertrek nog tot 8.10u in de auto gewacht en dan begon het te minderen met regenen.
Bij de inschrijving die zich in een partytent bevond (4 x 6 m), kregen we een gedetailleerde uitleg over de verschillende soorten pijlen die er gebruikt werden en hup weg waren we voor de 50 km.
Na nog geen 100m al geen pijltje meer te bespeuren maar uiteindelijk toch in de verte na wat rondgerij een pijltje gezien. Buiten deze misser en een omgekeerd gehangen pijltje onderweg was alles naar behoren afgepijld ( het kon nog iets beter maar ja).
Aan de eerste break, stond een hoogzwangere vrouw die het daar blijkbaar alleen moest redden met een klein tafeltje en jawel een SIP-WELL. De bevoorrading was wel ok, bananen, appelsienen, wafeltjes en koeken en voor te drinken water met of zonder grenadine.
Doordat het parcour er redelijk zwaar bijlag en het dus niet zo goed vooruitging als verwacht besloten we om de 35 km op te springen want ik moest al om 12.00u naar een famaliefeest vertrekken.
Onderweg nog een tweede break tegengekomen op een goede 5 km van de finish. En dan konden we volle peer binnenrijden om in de tent(je) nog ene te drinken. Daar was het ook nog lachen geblazen. Misschien moeten we volgend jaar met de hele club gaan want dan hebben ze waarschijnlijk geen tafels en banken genoeg.
Maar al bij al was het een mooie tocht. Ik kom hier volgend jaar zeker terug!!!!
Cijferkes kan ik niet geven want de meter heeft onderweg zijn geest gegeven.
Op een mooie zondagochtend, klokslag 9u, sta ik aan de inschrijvingstafel van de Goorbikers. ’t Is gezellig druk maar het inschrijven zelf loopt vlot. Ondanks de drukte voel ik me toch een beetje naakt en alleen, er is geen enkele andere ZoeNKer te bespeuren.
‘Is dit nu een andere startplaats?’ vraag ik me af. Ook aan een voetbalveld, maar niet het voetbalveld dat ik associeer met de Goorbikers.
Bon, na de academische 10 minuutjes besluit ik te vertrekken. Richting ONO, richting Testelt en Averbode dus. In den beginne op het vlakke, maar al wel volop draaien en keren, net wat ik zo schitterend vind aan deze organisatie. Wel heb ik mijn fiets heel slecht verzorgd want de trapas draait maar moeizaam en de ketting is stijf en springt continu over. Vloeken helpt evenwel niet …. Stilaan ontwaar ik de Bosberg/Wijngaardberg en dan weet je wat er komt: slingeren op een smal lint, omhoog-omlaag, van links naar rechts en dit zo ne keer of 5. I like it!
Een laatste keer naar beneden duiken en daar ligt ze, de bevoorrading, na een goeie 18km. Op ’t gemakske drink ik een Aquarius en speur opnieuw tevergeefs naar ZoeNKers. De perikelen met de fiets hebben zich ondertussen vanzelf opgelost.
Opnieuw op de vélo herken ik de vlakke brede grindwegen waar we ne keer kunnen doorrijden en in wat meer open stukken terecht komen. Na het keerpunt (een beetje voor Testelt) kunnen we weer in de ontluikende bossen beginnen slingeren op de zanderige baantjes. Na een tijdje komt de Gijmelmolen in zicht en rijden we eventjes in echt mul zand, hopelijk hebben ze in de MTB-clinic geleerd hoe ze daar goed doorkomen, ik heb het er alleszins lastig mee.
Nadien wordt er nog een beetje reliëf opgezocht met de puist genaamd ‘Gijmelberg’ en oriënteren we ons opnieuw naar de start/finish. Met één hand pik ik nog telenet-drinkbus mee(een cadeautje van de sponsor?), stop aan de bike-wash om het stof van mijn trouwe dier te spoelen en sta om 11u15 bij den toog. En zelfs daar herken ik geen ZoeNKers.
Ik profiteer ervan om goede punten te scoren op het thuisfront (vóór 12u ben ik al terug in K-lo)
Cijfers: 42.17 km, 2 u 36 s, 21 km/u, 436 hm, 153 bpm
Onder het motto « met stijl op uw bakkes leren gaan » vertrokken 17 moedige clubleden onder een stralende zon richting Jalhay (Spa). Bedoeling van de MTB school was om onze mensen wat meer rijtechniek bij te brengen. Met andere woorden een betere controle en minder verkrampt zitten op uw fiets, en u durven “smijten” op een verantwoorde manier. Wat dat laatste betreft zitten we met een enorme gradatie in de club, gaande van “bijna volleerden” tot “beginners die nog een ruime progressiemarge hebben”. Onder de aanwezigen toch veel mensen van de eerste categorie, een gemiste kans voor sommige thuisblijvers dus om een stapje voorwaarts te zetten, alhoewel ik goed besef dat je een bange wezel met een wat onderontwikkeld evenwichtsorgaan nooit kan omtoveren tot een downhill kamikaze. Net zoals je van een sprinter geen absolute bergkoning kan maken.
Zoals de meesten onder ons had ik er totaal geen idee van wat ons precies te wachten stond, en dat was wel spannend. Onze vier begeleiders controleren eerst de fietsen, met zin voor detail, zoals het verschuiven van de remgrepen voor betere controle. Tijdens deze inspectie blijkt dat mijn fiets “zowat volledig versleten is”, een belangrijke “take home message” voor mijzelf. Onze eerste proef is zo klein mogelijke cirkeltjes draaien. Daarmee wordt de algemene behendigheid nagegaan. Op basis daarvan worden we in twee groepen verdeeld, de zwakkeren en de sterkeren. Ik beland in de basisgroep, terecht.
Er wordt echt van 0 begonnen. Er wordt gekeken hoe we een klein bergje oprijden. Velen stormen naar boven op brute kracht en hoe je dan precies op die fiets zit maakt dan niet veel uit. Maar door de snelheid weg te nemen wordt je verplicht van de juiste techniek (puntje van zadel, zwaartepunt naar voor, blik vooruit) aan te wenden. Zelfde principe voor bergaf maar dan natuurlijk zwaartepunt naar achter brengen. Controle vooral met de voorrem (wist ik niet). We overdrijven hier een beetje maar dat is wel goed om die basisprincipes in te prenten.
Doordat we verplicht worden na te denken over wat je precies doet en/of omwille van het feit dat ze echt op uw handen staan te kijken, loopt het bij sommigen dan gewoon fout. Ook bij mij. Het zorgt bij sommigen voor stress en een frustrerend gevoel, vooral als je weet dat je op toertochten de dingen met de vingers in de neus en automatisch doet, zonder daarbij na te denken. De vraag is dan voor elk van ons: wat je automatisch doet op een TT, gebeurt dat dan op een “goede” of “foute” manier?
Dan oefenen we de “pedal kick” om over hindernissen te kunnen jumpen. Op TT’s gebruik ik vooral mijn armen om mijn stuur op te trekken, maar dat is blijkbaar niet de beste optie zeggen de begeleders. Op de allerkleinste versnelling probeer ik zo een pedal kick maar de kracht in mijn benen is blijkbaar zo groot dat ik achterover ga en plat op mijn rug terecht kom. Ik heb even mijn bekomst van die “trial” toestanden. Dan jumpen we over boomstammen en stenen, met behulp van die pedal kick. Heel de tijd zijn de begeleiders in de weer om te helpen u op te vangen, aan te moedigen, raad te geven, met het nodige geduld. Het blijkt vooral dat ik veel te veel met mijn kop in de grond rijd, en dat is zeker ook het geval voor een pak andere mensen in de groep.
De volgende stap is wat we hebben bijgeleerd wat meer in praktijk te brengen wat verderop op een stuk doorsnee MTB parcours, geen al te moeilijk stuk eigenlijk. Maar weeral hetzelfde: door dat proces van “overfixatie” lopen redelijk gemakkelijke hindernissen gewoon fout bij sommigen, wat zorgt voor een meer gehele, maar gelukkig tijdelijke blockage in het hoofd. Onze clubpsycholoog zou dit beter kunnen verwoorden, maar hij kon er niet bij zijn.
Op de middag eten we allemaal samen langs de kant van de weg; het begint serieus warm te worden, de zonnecrème is gegeerd. De sfeer is prima en ik heb de indruk dat iedereen wel tevreden is, al hoor ik van sommigen dat ze hopen op grotere uitdagingen in de namiddag. Een paar mensen moeten veranderen van groep; dat wordt op de juiste manier aangebracht (ik waan me even in één of ander TV programma).
In de namiddag zoeken we dan naar meer uitdagingen: steeds steilere klimmetjes, steeds steilere afdalingen. Het is heel leuk om te kunnen vaststellen dat veel mensen toch aan vertrouwen winnen en duidelijk progressie maken. Dank zij de instructeurs die het goed aanpakken. Techniek en evenwicht worden verder aangescherpt door het rijden over een boomstam en op bruggetjes. En ja, soms liep het al eens fout en viel er iemand van zo een bruggetje pardoes in de rivier, gelukkig zonder veel erg. Mijn versnellingen laten me dan weer in de steek en de lol is er voor mij dan af: zeer vervelend als de ganse groep daardoor wordt opgehouden. Achteraf blijkt dat mijn pat was gescheurd.
Rond half vier stoppen we ermee, sommigen belanden al wat sneller op een terrasje en anderen maken nog een klein extra toertje. We genieten na en krijgen een paar “MTB school” kousen als aandenken en ter promotie. Na een heerlijk warme douche in het plaatselijk sportcentrum belanden we met 13 (2 mensen meer dan waren geboekt) in het restaurant. Het bestuur ziet niet op een euro en we mogen ongeveer kiezen waar we zin in hebben, inclusief aperitief (een enorme geste van het bestuur, bedankt!). Het eten is super lekker en de sfeer is “op zijn ZoeNKers” zoals verwacht (alhoewel, de persoon die aan het hoofd van de tafel zat maakte het soms wat bont... ?). Dit helpt echt om een beetje te vergeten hoe verkleumd je was van de kou na de TT, of hoeveel pijn je had in je armen na een dagje papierslag...we beseffen nu heel goed waarvoor we werken.
Volledig voldaan en verzadigd trekken we huiswaarts na een schitterende dag: de ZoeNK leden hebben bijgeleerd, en de “team spirit” kreeg een boost. Het is echt waar dat wij de beste MTB club zijn van het ganse land ?
De eerste aanblik zorgde voor een goed gevoel. Een zeer ruime parking en dito sporthal. Al snel werd dit beeld doorprikt en bleek de start in een klein, koud tentje dat zich voor de sporthal bevond. Ondanks dat dit een tocht voor het goede doel was, was de opkomst zeer mager te noemen.
Na het verrichten van de typische administratie en het krijgen van pillen en een soort van zalf, vertrokken we met 7 Zoenkers. Wegens het vrij kil weer bleek dit geen lachertje. Nico stopte om zijn handschoenen aan te trekken en Katleen besloot haar ketting op het juiste kroontje te leggen. Daarna trokken we verder met een gezapig tempo langs een mooi veldje narcissen en een mooi afgespannen stuk parcours, waar de linten zodanig hingen dat je zeker niet in het slijk zou rijden. Plots dook de eerste “ravito” op. Hier stonden vier plaatselijke dames in het midden van het veld, een echt windgat. Toch hadden ze enkele comfortabele stoeltjes staan, waar Posse zit met een tasje koffie in neervlijde. Voorts waren er lekkere zelfgemaakte wafels en de onvermijdelijke grenadine.
Daarna reden we verder door een bos en vlak voor het kruisen van de bevoorrading besloot Posse zijn band af te laten. Iedereen stopte waarna we samen weer doorreden. Er kwam een stukje langs de beroemde Ravelle waar Posse eens alles op de kant zette. Via enkele veldwegen en kasseiwegen en vooral veel wind, bereikten we nog een tweede bevoorrading. Daar besloten Posse en Bart de 55km te rijden terwijl de rest de 45 reed.
Op die 45 lag er ineens een boom in het midden van het bos, waar iedereen over stapte terwijl Sjarelke er rond reed. Ook in ditzelfde bosje was het modderigste stuk van het ganse parcours. Op het eind was er nog een weggetje met veel steenslag en heel veel wind tegen. Dit laatste was de laatste 5 km constant zo. Je vroeg je niet af waarom er windmolens stonden en je waande je een beetje Don Quichote. De ene Zoenker werd al verder teruggeblazen dan de andere maar iedereen bereikte het tentje en genoot van het deugddoende Leffeke. Schol Katleen en Tom en nog vele jaartjes.
Daar de TT in het zogezegde mondaine Haacht op amper 6 km van ons huis van start gaat, staan we om 7 uur 30 klaar om er langs de Haachtsesteenweg heen te fietsen. Aan het lokale voetbalveld zien we dat ook de organisatoren zich aan een zonnige zon-dag verwachten. Hun après-bike zal op het heilige gras plaatsvinden, zonder ons weliswaar.
We zijn te vroeg, drinken koffie en wachten op de rest van de Zoenk, die vandaag in grote getallen door Sjarel en Jeroen op een exclusieve Zoenk-after-bike getrakteerd worden. Rita zal rond die tijd reeds in de keuken staan, maar meer daarover later....
Dat men zich in Haacht niet aan veel hoogtemeters moet verwachten, weet iedereen. De charme van deze rit ligt in de omgeving van deze landelijke gemeente, die wellicht overal bebouwd is, maar nooit druk en vooral veel mini-natuurgebieden en –biotopen te bieden heeft. De streek langs het kanaal Leuven-Mechelen is vochtig en menige straat heeft iets met “broek” in haar naam.
We vertrekken in een lus oostwaarts die ons eerst naar Wespelaar en Tildonk brengt. We blijven allemaal in groep en geven door de velden en langs het water een mooi beeld van een stomende Zoenk-trein af. Van de waterstraat gaat het iets later naar de Dijle. De zon warmt de lucht en dus ook onze bloedvaten op. De parcourbouwers sturen ons van de ene veldweg naar de andere. Ze blijken talloos te zijn en geven ons tevens een mooi overzicht over de bestaande immobiliënmarkt. Overal staat wel ergens een huis, echt ongerepte natuur treft men rond Haacht niet meer aan. Niettemin is het prachtig fietsen, ook omdat het zo gemakkelijk is. Dat hebben zelfs hoogtemetersliefhebbers als wij af en toe eens graag. In totaal zouden we die zondag op een respectable 89 hoogtemeters komen....
In een bos in de buurt van de Sint-Adriaanswijk is het “remmen los” en gaat het op zanderig terrein op en af. Zo hebben we het graag en wanen ons bijna in Rillaar. De bevoorrading, waar de één of andere laag kledij in de rugzak verdwijnt heeft een (lokale ?) specialiteit in petto : een soort Engelse pudding of cake, met noten en bananen, gegarandeerd zelf gebakken en super lekker.
De tweede helft is even luchtig. We schakelen een versnelling hoger en maken kennis met het lokale WOII-verleden. De antitankgracht rond Haacht houden ze in ere, beter nog, ze maken er een vreedzaam natuurgebied van. Gauw staan we aan een verrassende tweede bevoorrading met fietsende Paashasen die ons de weg naar de Tongerlo-bar tonen. Je zou hier al in de steeds warmer schijnende zon willen vertoeven, maar pas twee kilometer verder is de tocht echt gedaan.
We voegen er een lokale lus toe, die ons tot op het terras van Rita leidt. Zijzelf staat al een tijdje in de keuken om ons met allerlei hapjes en drank te verwennen. Sjarel en Jeroen zorgen voor een eerste klasse bediening. Een middagmaal is na deze derde uitgebreide bevoorrading niet meer nodig. Met een goed gevulde buik fietsen terug naar niet minder mondaine Kampenhout.
Oesje, einde mei weekend en de benen zijn nog steeds niet aant blinken, daar moet wat aan gedaan worden !
Een nachtrit ? Wel laat ons zeggen dat een nachtrit aanleiding kan geven om wat extra kilometers bij te doen, en 's anderdaags gaan we naar Haacht om exact 69hoogtemeters te verwerken, wel euh why not he, extra kms malen voor het weekend, het moet !
Afspraak bij Rickske om 19h en om 20u staan we in Rillaar, nog effe wachten op Tom en hoppa wijle weg.
De eerste kilomteres gaan goed, weinig klimmen en we malen een goei tempoke, maar ik voel dat er iets niet just zit in de benen, telkens er moet geduwd worden lukt het precies niet echt ... damn gaan we afzien ?
De nachtrit in Rillaar is er eentje om met een gerust gevoiel te doen, nooit onmogelijk en de paden om en rond kennen we ondertussen wel vrij goed, maar de eerste kilometers (rond Schoonderbuken) zijn mij toch zeer onbekend.
Om 21u gaat het licht uit en doen wij onze lichtjes aan, dikke leute en vooral ook zeer leuk en vrij idylisch om iedereen zo in het bos te zien draaien en keren.
Na de rit een duchtige blonde en hoppa de velo op voor nog eens 20kilomteres
Omstreeks 00.30 kan ik gaan slapen met +80km in de benen, en ik vraag mezelf af of ik tegen de ochtend ga gerecupereerd zijn voor de rit naar Haacht.
Nog effe mijne locomotief bedanken ! Moet gezegd, als we 27 deden moest ik echt lossen ... we reden op hartslag dus niet boven de 155 gaan was de boodschap :-) Geraken we klaar tegen het weekend ... wie zal het zeggen de verslagmeester van dienst zeker ...
Pasen, de verjaardag van ons moeder, paaseitjes rapen bij de schoonouders en last but not least de hoogdag van de Vlaamse wielersport,... zouden allemaal redenen kunnen wezen waarom een mens vandaag zijn bike zou kunnen laten staan.
Maar met een mooi ritje in de buurt, het weer dat al bij al nog wel meezit, sta ik zoals afgesproken om 7 uur 30 aan de deur van de Phille.
Hier echter niet veel beweging te bespeuren en na enkele paasklo(k)pjes op de garagepoort toch maar alleen vertrokken.
Aan de Abdij van Park de Nico tegengekomen en samen richting Bertem gebold.
Na de bevoorrading gaat het in de richting van Bertem langs Egenhoven. Met een nog steeds tegenwringende pedaal besluit ik de mooie trackjes in Egenhoven te laten voor wat ze zijn, voortijdig binnen te rijden en de Nico op te wachten.
Blijkbaar moet het laatste stuk toch nog vrij zwaar geweest zijn, want na de degustatie van een gratis trappist nog steeds geen Nico te zien...
Ook de 9 uur zoenkers (Kurt, Wim, Geert, Tom en Kathleen) niet meer gezien en dan maar terug naar huis gefietst. De paasplicht riep ;-)
Vandaag staat er een prachtig ritje in Andenne op het programma. Uit ervaring weet ik dat het er vettig kan bijliggen. De weergoden zijn ons echter al een ganse week gunstig gezind, op een paar buitjes na. Dus sta ik om 7 uur stipt op de parking in Boutersem en niet veel later komen Phille en Jokke, Nico, Cloyke, Posse en tenslotte Joris er ook aangereden.
Naar jaarlijkse gewoonte worden de vrouwelijke bikesters hier extra in de bloemetjes gezet. Dit jaar hebben ze geen dieetpakket (!) opzijgelegd, maar een drinkbus speciaal designed for women.
Net op tijd verschijnt koning Rohlof aan de inschrijving met zijn door de modder aangevreten stalen ros. Met een grotere delegatie dan verwacht staan we om 8.15 uur vertrekkensklaar om zo’n 1200 hoogtemeters te trotseren.
Het parcours leidt ons over boswegen en af en toe asfaltwegen, over het algemeen goed berijdbaar en natuurlijk met de nodige klimmetjes. De bevoorradingen zijn naar jaarlijkse gewoonte meer dan de moeite. Er zit een prachtige afdaling bij waar ik als bij wonder zonder een voet aan de grond te zetten afgeraak.
Bij de tweede bevoorrading komt Wakeske nog uit het niets opdagen. Van hieruit vertrekken we voor een lus van 20 km om terug op dezelfde plaats uit te komen voor de derde bevoorrading. Hier hebben ze lekkere soep en omeletten voorzien. Best wel nodig want de bergskes beginnen serieus te pikken aan mijn beentjes.
De laatste 10 km blijken er 15 te zijn en twee kilometer voor het einde krijg ik nog af te rekenen met een platte band. Zoals altijd eindigt de rit met de “kruisweg” met zijn haarspeldbochten. Uiteindelijk kom ik met 70 km op de teller binnen.
Mooi en zwaar ritje en de spits is afgebeten voor de komende weken en maanden.
Bornival ligt in de buurt van de E19, afrit Nijvel-Zuid, op weg naar Ronquières. Vanuit daar is het – zoals aangekondigd – afgepijld. Niet iedereen zal dit doorhebben, zo blijkt achteraf. “Wat een geluk” denken wij, navigatiesysteemvrije mensen, en komen in een koedorp zonder koeien terecht, met amper 20 huizen. De rue du Centre is zo nauw dat de blauwe monstercamionette er amper doorgeraakt. “Hoe zou het er hier aantoe gaan, hadden zij 1.200 deelnemers” vragen we ons grijnzend af. Er staat – natuurlijk - een statig kasteel en daarna de onvermijdelijke “Salle des Fêtes”. In dit geval eerder een salletje.
Twee van mijn collega’s zitten in de organisatie en hen kom ik meteen tegen. Ze beloven ons met hun parcours het beste uit de streek gehaald te hebben. “Awel, dat gaan we rap zien,” roept Alain, en weg zijn we. Le Bois de l’Hôpital” heeft meteen een lenteverrassing voor ons: zo paars het Hallerbos er dezer dagen bijligt (de hyacinthen, niet waar), zo knalgeel is de bodem hier. Bloeiende narcissen, zo ver het oog reikt. Ik voel voor de eerste keer de beroemde lentekribbels. Binnenkort ga ik ook plukken, namelijk fel ruikende daslook in het Weysetterbos in Kampenhout, waarmee ik dan omeletten bak.
En de tocht nu, zal u zich wellicht afvragen : ondanks de narcissen is het niet echt lenteweer, ik rijd met lange handschoenen en ben er blij om. De wind waait krachtig op de ingelaste veldpassages. Ze hebben ginder veel boskes en één groot bos, le Bois de la Houssière, vergelijkbaar met het Meerdaalwoud. Vooraleer we er een superlange, fantastische singletrack met veel op en af berijden, schotelen de collega’s ons de meest indrukwekkende bezienswaardigheid voor, die de streek te bieden heeft : het hellend vlak van Ronquières. Vanuit de brug in het dorp zie je pas wat voor een monsterwerf dit in de jaren 60 geweest moet zijn : 1.400 meter lang, het hoogsteverschil bedraagt 68 meter. De toren is 150 meter hoog. Zie ook www.voiesdeau.hainaut.be.
Vanuit de toren zien de bewakers ons dus die ochtend rondrijden. Waar we ook zijn, de toren zie je van (bijna) overal. Behalve als we in bovengenoemd bos rijden of oude stilgelegde spoorwegen volgen, die gelukkig nog niet geasfalteerd zijn. Of wanneer we aan de tweede bevoorrading in het Nonnenbos de Blue Riders ontmoeten. Die zijn gehaast omdat ze het vertrek niet hebben gevonden en dus veel te laat vertrokken zijn. Ze gaan dus voor de kleine afstand, want de après-bike mag onder geen beding ingekort worden.
De tocht brengt ons langs het oude Canal du Centre dat geen dienst als waterweg meer doet, maar vandaag een prachtig natuurgebied is. Talrijke verlaten sluizen getuigen van de vroegere bedrijvigheid. Boten zijn er wel nog, maar wat voor welke ! In Ronquières ligt er zoiets als een sociale bootwijk: een twintigtal, min of meer goed onderhouden “péniches” zijn vandaag een vaste woonstek voor sommige Brabanders.
Virginal-Samme daarentegen ligt op een heuvel. Op de steile flank ligt er een – die dag - niet te fietsen single-track. Later, in een bos, volgt er nog zo één. Voor de slokkoppen die hoofdzakelijk wegens de bevoorrading naar Andenne geweest zijn, zou dit een mooie uitdaging geweest zijn. Alain geeft mee, dat Bornival zeker een waardig alternatief voor Andenne is. Trouwens, de gratis tomatensoep “façon grand-mère” van Bornival is ongeëvenaard ! Wat schafte de pot in Andenne ?
Zondag 21 maart 2010, om 10 voor 8 m’n bed uit om nog eens een TT te rijden want het was weer een tijdje geleden. Jammer van het grijze weer, maar een TT die als het ware door mijn achtertuin liep, kon ik niet laten schieten. Vlug een boterhammetje met choco naar binnen gespeeld en dan de fiets op richting Don Bosco in Oud-Heverlee.
Net voor 9 kon ik aanschuiven in de rij bij de inschrijvingen, een rij die enkel uit licentiehouders bleek te bestaan. Ja ergens klopte er iets niet, foutje van de organisatie dus, want er waren twee inschrijftafels voorzien voor bikers zonder kaartje en slechts één tafel voor de licentiehouders. Dat kon vlotter!! Het “Power-koekje” voor onderweg, dat iedereen kreeg bij de start, was wel een leuke attentie.
Iets na 9 zat ik op mijn fiets met het idee het parcours van de 27 km te volgen. Het korte, technisch stukje in de achtertuin van Don Bosco was meteen een leuke start van de tocht. Verderop, bij het binnenrijden van de bebouwde kom van Korbeek-Dijle, stuurde het parcours me rechtsaf, een fiets-en wandelpad op tot ik de spoorlijn in Oud-Heverlee weer kon oversteken en ik Heverleebos kon binnenrijden. Het parcours liep dan dwars door dit bos, over zijn brede paden richting Vaalbeek en Blanden, waar ik Mollendaalbos bereikte.
Een eerste bevoorrading kregen we al na 17 km, aan de kantine van voetbalploeg de Stormvogels van Haasrode. En als je het mij vraagt, het was een bevoorrading om “U” tegen te zeggen. Ik kon er kiezen uit zeven verschillende soorten koekjes, bananen en appelsienen en om mijn dorst te lessen kreeg ik een Aquarius aangerijkt van een enthousiaste promo-griet.
Nog 10 km te rijden na deze vreetpartij, een beetje weinig vond ik toch. Maar een grote plattegrond waarop de verschillende parcours, alle splitsingen en de 2 bevoorradingen werden aangeduid, hing op bij deze bevoorrading waardoor ik voor mezelf een nieuwe route kon uitstippelen. Ik besloot nog even het parcours van de 47 km te volgen zodat ik een extra lusje zou kunnen rijden. Zo gedacht, zo gedaan. Dit extra stukje liet me nog een stukje van Mollendaalbos en verschillende modderige veldwegen zien. Weinig technisch en weinig uitdagend dus, jammer…
Wanneer een dertigtal kilometers op de teller stonden, kwam ik opnieuw aan een splitsing en kon ik het parcours van de 27 km opdraaien, een parcours die me via de kortste weg door meerdaalwoud terug in Oud-Heverlee bracht. Op het einde dan toch een flinke en modderige kuitenbijter aan de Zoete waters, een klimmetje dat me deed beseffen dat men conditie toch niet meer was wat hij geweest is. Maar het einde was in zicht. Gelukkig maar want ondertussen was het toch wat harder gaan regenen en waaien.
Bij aankomst liet ik mijn fiets achter in een bewaakte maar slecht georganiseerde fietsenstalling. Dan snel een tafeltje reserveren voor de 19 Zoenkers die op deze TT waren komen opdagen en een colake bestellen voor de grote dorst.
Rond 13 u werd het toch maar eens tijd om huiswaarts te bollen. Thuis aangekomen vertelde mijne fietscomputerke dat ik 49,2 km had afgelegd aan een gemiddelde van 17,8 km/uur. Niet slecht vond ik dat, die lekkere omelet met spek had ik zeker verdiend :D
Besluit: een leuke, maar weinig uitdagende toertocht met super bevoorrading en een goeie bewegwijzering (al had ik een bevestigend pijltje op de lange rechte stukken wel beter gevonden).
Als onze hooggewaardeerde voorzitter in zijn wekelijkse mail de TT in Sart Tilman mooi maar zwaar noemt dan zit er maar één ding op: zondagmorgen vroeg opstaan en richting Luik rijden. Dat het onderweg lichtjes miezert doet er niet toe. Al begin ik in de auto toch stilaan spijt te krijgen dat ik net deze TT heb uitgekozen om voor de allereerste keer in maanden nog eens met mijn korte broek uit te pakken.
Groot is mijn verbazing als ik bij de inschrijving wel een massa mountainbikers maar geen enkele Zoenker ontwaar. Nog rondgekeken maar helaas. Ofwel zijn ze hier al vertrokken (ok ,ik ben iets te laat) ofwel hebben ze massaal voor de onbekende wegen van Oud-Heverlee gekozen. Ik schrijf me in in de kapel (de meest originele inschrijvingsplaats ooit) en vertrek. Na een paar kilometer is al duidelijk dat het hier een modderige bedoening wordt. De sneeuw is al een tijdje weg maar qua glibberigheid is er nauwelijks verschil. Glijden en schuiven. Mooi maar zwaar. Als ik op de eerste echte helling ook nog s last van chainsuck krijg en de rest van de TT alleen nog op het middenblad kan rijden wordt het vooral mooi en loodzwaar. Boven raken op elke helling zonder voet aan grond te moeten zetten is vanaf nu nog mijn enige ambitie.
Na 15 km komt de eerste bevoorrading en dat is geen minuut te laat. Sinaasappels, bananen, chocoladekoeken, Wallonië op zijn lekkerst. Intussen is het weer zachtjes beginnen regenen en rij ik verder. Af en toe komt er een chronorijder voorbijgeknald. Het Ardennen seizoen is duidelijk begonnen. Ik moet weer wennen aan de hellingen.
Na de bevoorrading is het tijd voor het vlakkere werk langs het water. Veel modder en vooral ook veel andere bikers. En na het geploeter langs de waterkant gaat het weer omhoog. Vrij veel op asfalt (toch zeker naar Ardense normen) en op het einde meestal nog een stukje offroad omhoog.
En dan komt de helling van de dag, eerst een lang stuk asfalt en dan een nog langer stuk over een stenig en modderig pad. Jammer van het weer.
Bovenaan de helling nog een laatste bevoorrading (met Aquarius ). En dan gaat het relatief vlak naar de eindstreep, twee fanatieke Waalse chronorijders halen me in en ik ga ongegeneerd in hun wiel hangen. Met twee locomotieven voor mij lijken de laatste 5 kilometers gewoon voorbij te vliegen. Ik passeer een golfterrein (of dat denk ik toch, zo snel gaat het intussen.) en dan nog een paar glibberige boswegen . We draaien een asfaltweg op en dat blijkt meteen de laatste rechte lijn te zijn.
We zijn er. De eerste Ardennenrit zit er op. Laat het nu maar stilaan droger worden.
Zondagmorgen vroeg opgestaan om te gaan fietsen op toertocht van 4XPbikers in Kortrijk - Dutsel. Een toertocht georganiseerd door het heuvelachtig hageland. Het was een frisse winderige sombere zondagochtend.
Het eerste deel was niet van de poes. Stevige klimmetjes werden afgewisseld met veldwegen en bospadden. Bij de hellingen stonden telkens bordjes met een tekening erop die de moeilijkheidsgraad en de naam van de helling aangaf. Er werd echt geen helling onbenut gelaten van de Chartreuzeberg.
De bevoorrading was er na 20 km. Die bevond zich op het erf van een boerderij. Spijtig genoeg stond er een massa volk aan te schuiven zodat we eventjes moesten wachten. Maar de bevoorrading was ok.
Het tweede deel was minder zwaar als het eerste deel. De opeenvolging van hellingen was minder en het verliep meer over veldwegen en asfalt. De wind speelde wel parten.
Moe maar voldaan na 35 km terug aangekomen bij de start.
Iedereen heeft wel een zwart beest, zo’n TT waar je van zegt ‘ amai wa was da vandaag, tliep voor gene meter’.En ja, bij mij is dit Huldenberg. Een tocht waar ik enkele jaren geleden na 5 km, ja ja 5 km, rechtsomkeer maakte. Je vraag je nu af, wat zit hij hier nu te zagen over Huldenberg, den TT was zondag toch in Winksele. Awel ja, de TT was in Winksele alhoewel we ons in Huldenberg waande.
Het begon nochtans goed. Het regende of sneeuwde eens niet, dus met volle goesting sprongen we op onze fiets. Aangezien Winksele maar aan de andere kant van Leuven ligt, was het makkelijker om met de fiets tot daar te rijden. Aan CH1 was helaas niemand te zien, dus maar alleen op pad.
We hadden het al in de mot toen we de Brusselsestraat/steenweg opklommen. De conditie en de temperatuur hielden elkaar broederlijk gezelschap.
Onderweg nog afdeling Tienen goedenmorgen gezwaaid en dan naar de sporthal van Winksele, waar een kleine delegatie al zat te wachten.
De groep vertrok, Wakeske kwam nog aangereden. Hij had de ‘nk’ met de ‘l’ verward en stond dus 5 km verder.
We vertrokken in de richting van Herent. In de klim in het bos van de Goddelinde schatten we de eerste knik verkeerd in en moesten efkes voet aan de grond zetten. Ik hoorde achter mij een heleboel pedalen zich losklikken. Blijkbaar zat er een hele trein achter mij. Dan maar iedereen laten passeren en de rest van de bende was weg voor de rest van de dag.
Dus maar eigen tempo zoeken en hopen de TT deftig af te werken. Langs de autostrade richting Bertembos ging het nog. Voor de zekerheid toch maar de kleine opgesprongen, maar aan de break was het al gedaan. Een extra wafeltje binnensteken in de hoop wat energie op te doen.
De zon kwam er door en het was prachtig om te fietsen. De tocht ging richting Kortenberg over Meerbeek, en Veltem. Helaas bleef het koud aanvoelen en begon bovendien de bovenlaag te ontdooien, waardoor het begon te schuiven onder de wielen. Aan de Brusselsesteenweg was het nog efkes binnenrijden, maar de goesting om in een warm bad te kruipen was groter dan de drang naar drank. Dus zijn we rechtstreeks huiswaarts gereden en ons bad ingedoken.
‘t Zal nog hard trainen worden als we in mei de Anschluss willen realiseren.
Ik word wakker rond 6u30 en het regent lichtjes. De voorbije maanden heb ik al een paar keer blijven liggen waarna het dan toch opklaarde ... damn ... wat wordt het vandaag ?
Om 7u15 regent het nog maar plots stopt het. Snel de nest uit want de ZoeNKers die naar Mol trekken vandaag zouden om 7u30 vertrekken. Dat haal ik niet meer maar wat later vliegen de E314 kilometers voorbij richting Mol. Niet tegenstaande de regen van voorbije week ben ik er gerust in want Mol staat voor heide ondergrond en veel naaldbossen. Daar kunnen ze tegen een emmerke regen.
Bij aankomst sturen ze me op een Carrefour parking maar een bord zegt “Sluiting om 13u”. We komen voor een toerke van 55 of 65 km dus parkeer ik wat verderop en bol naar de inschrijving. De organisatie steekt nu nog een tent in elkaar !? Wat later komt enkel Wim nog aan. De regen en slechte weervoorspelling houdt de overige ZoeNKers in hun bed.
Wim gaat voor de grootste toer want hij heeft nog een dikke maand om te trainen voor de Ronde Van Vlaanderen. Hoe meer kilometers in de benen, hoe beter dus. Ik wil ook wel een grote doen maar zal de staat van het parcour en het weer laten beslissen.
De verwachtingen van Mol worden ingelost. Groene streek met veel naaldbossen met slingerende singletracks. Zaaaalig biken gewoon. Hier en daar een vettig strookske maar alles zeer goed berijdbaar. Er zijn ook niet zoveel deelnemers dus kan het tempo omhoog ... de Wim is in vorm.
De eerste bevoorrading komt er al aan en staat opgesteld op een motocross terrein. Voordat we ons op het buffet storten mogen we een paar metershoge bulten over. Leuk. “Aquarius keeps you going” is van de partij. Lekker. Andere dranken zijn er niet maar wel warme soep. Smullen kan je van zeven soorten wafels, mueslibars, banaan of appelsien. Dik in orde dus.
Voldaan trekken we verder, onmiddellijk terug het bos in. Terug krijgen we een fantastische omgeving om in te biken en de toffe bospaadjes en tracks blijven maar komen. Wat niet komt is de regen dus wat kan er ons nog tegenhouden ? Niets denkt Wim en die blijft er maar een lap op geven. Amai, ik moet soms serieus stoempen om hem bij te houden.
Bij de tweede bevoorrading, aan de start van de grote lus over de Kattenbosheide, komt er een demper op de vreugde. Na 35 km plezier begint het te regenen en ook koude wind steekt op L Nog 30 km in de regen bollen zien we niet zitten dus laten we die grote lus links liggen.
Net geen 10 km later staan we terug op de parking in Mol-Wezel. Even aanschuiven aan de bike-wash met twee industriële hogedruk toestellen met elk 4 slangen. Er hangt toch wel wat modder aan de bikes. Wim gaat nog voor het blonde vocht en de gratis friet terwijl ik huiswaarts keer, in een rustiger tempo.
Zoals verwacht is Mol een aanrader. Tot volgende keer.
Polar cijferkes: 44,7 km waarvan 69% in ’t rood gereden, gemiddelde hartslag 162, gemiddelde snelheid 18,9 km/h. Merci hè Wim
De zondag na de toertocht staat er alweer een klepper van een tocht op het programma. Deze tocht past zeker in het rijtje van Huldenberg, Pellenberg, HEVERLEE, Lot,….
Deze streek is niet zo bekend in onze club maar is zeker een aanrader. De organisatie beloofde 1200hm voor de 50km tocht, dus al één van de zwaardere tochten van de regio.
Aan de inschrijving ontmoet ik Phille, Jokke en de Posse. Later, te laat dus, komen ook nog Andreas, Wakeske, Geert en Wim. Helemaal te laat en missen de start : Alain en natuurlijk Karel.
De tocht begint stevig op de flanken van de bruineput. Ik heb het direct al te warm maar de diesel wil maar niet aanslaan. De tocht gaat op en neer en zo worden de nodige hoogtemeters verzameld. De ondergrond zuigt, dus is het bij momenten echt stoempen en schuiven. De meeste klimmetje s zijn wel te doen maar door de ondergrond is het zeker niet gemakkelijk. We passeren ook in Beersel en Alsemberg.
Bij de eerste splitsing besluit ik toch voor de lange toer. De extra lus valt nog mee maar is toch zwaar genoeg door de gegeven omstandigheden. Na 28km kom ik aan de bevoorrading, waar de Phille alweer verder rijdt en de posse en Jokke trekken ook al verder. Ik vul de reserves terug bij maar besluit toch om samen met de rest te kiezen voor de korte toer.
De volgende tien kilometer rijdt vlot, omdat de diesel eindelijk is aangeslagen. We krijgen nog een pittige klim voor de wielen maar dit vormt geen probleem. We horen de leffe al roepen en rijden snel binnen. De afspuitstand met hogedrukreinigers sla ik over, zeker niet omdat mijne fiets niet vuil is, maar omdat een hogedrukreiniger niet ideaal is om uwe fiets te kuisen.
Voldaan rij ik naar huis maar toch met in het achterhoofd dat de laatste tien kilometer veel vlotter gingen dan de eerste.
Een TT is als een pornoactrice in een gang bang.
Ze blijft de mannen ontvangen tot ze compleet bevredigd zijn.
Ooit al eens moeten zoeken achter het inschrijvingsloket van een TT?
In Maillen was het zoeken achter het moddervette wijf dat de inschrijvingen deed.
Op haar hangerige bobbels stonden 2 vlinder tatouages te verbleken.
Van Overijse had ze nog nooit gehoord en lezen was ook haar sterkste kant niet.
Maar ontvangen kon ze als geen ander.
Ik moest na onze korte kennismaking naar wc.
Net geen diarree.
Een geluk dat niemand, buiten de inschijvingslel, wist dat ik Vlaming was.
Het wc stonk na mijn kort bezoek...
Deze morgen was ik netjes om 8h opgestaan.
Zonder kater of andere ongemakken (buiten beheersbare schijterij).
Na die boerenfuif in een boerenzaal in een boerendorp van gisteravond was dat niet zo evident.
Sabine de weertrut had haar blijkbaar weeral vergist.
De zon scheen in mijn ogen en het was zo droog buiten dat het prut in mijn ogen zo hard werd dat ik het er niet eens uit kreeg.
Schoon netjes iets voor 9h arriveer ik in Maillen city en parkeer mijn auto bijna pal voor het centre sportif.
Der staan daar wel een paar schoon vlokes geparkeerd met full suspension.
Blinken dat die doen!
Waarschijnlijk van een paar klootzakken die denken dat hunne lul langer wordt als hunne vlo opvalt.
En waar blijven die andere zoenkers???
De eerste kilometers van het parcours gaan over de asfalt.
Een lang recht stuk van 2 kilometer.
De wind blaast ondertussen zo hard dat ik een paar keer van de baan ga.
Dat begint hier goed.
Welgeteld 1 pijleke zie ik de eerste 2 kilometer.
Die Waalse onnozelaars zullen het ook nooit leren.
Dan duikt het parcours het eerste hol in van het pornomachin.
Vettig en gulpend gaat het naar beneden over een versteend pad dat in de zomer een schoon wegske is voor asfaltjanetterige mountainbikers.
Ik merk op dat mijn remmen stillekes naar hun einde gaan.
Vroeger reed ik op zo’n parcours als vandaag een paar remblokskes volledig tot op het ijzer.
Nu rijd ik al bijna een heel jaar met 1 paar (grijze) blokskes.
Maar eerlijk : soms, als het heel vettig is, nijp ik mijn billen toch samen omdat de remkracht dan net niet je dat is…
Het blijft glibberend slipperen in Maillen, of is het ondertussen Profondeville geworden?
Langs kolkende bergriviertjes snij ik mijn vlo door de vermodderde en met dikke stenen bezaaide boswegjes.
Minutenlang omhoog, dan weer razendsnel over de asfalt naar beneden en dat zonder viagra.
Mijn zaadleider wordt er blauw van en mijn rug stijf.
De rohloff laat me niet in de steek.
Sinds een jaar kan ik geile plassen nemen en zo klootzakken passeren die mijn weg versperren.
In de Walen is dat geen overbodige luxe.
Die amateurs gaan wel erg snel van hun fiets.
Ik verstijf.
Een nederlandstalige spreekt me aan.
Hij durft de 100 trapjes bij de Maas niet af rijden.
Natuurlijk niet, de eikel heeft al sinds december niet meer op een fiets gezeten.
Verdomme, blijf dan thuis he!
Welke idioot gaat nu Maillen als eerste TT van het jaar rijden?!
Achteraf blijkt de man wel degelijk een Waal te zijn, maar wel eentje die moeite doet.
De eerste bevoorrading ligt langs de Maas.
Wel wat magertjes voor de 6€ inschrijving.
Over de eerste 15 kilometer heb ik welgeteld 1 uur gereden.
Dus de 50 kilometer moeten nog kunnen.
Maar dat is zonder de toorn van onze weertrut gerekend.
De wegeltjes zijn door de regen en de hagel verworden tot één pot smeuige drap .
Onder die drap zit er wel nog een harde laag en daarom kan je altijd blijven rijden.
Per pedaaltrap slip je een halve trap door maar als je tikker wil blijven tikken is er geen probleem.
De tweede bevoorrading is een bushokje waarin 2 vrouwtjes, die eigenlijk nog maagd hadden moeten zijn, staan te verkleumen met hun pooier.
Weeral is het aanbod beperkt.
Ik kan echt wel iets krijgen van dat verdunde rode en groene kleurstofwater dat hier zo populair is.
25 kilometer staan er ondertussen op de teller.
En weer een uur later.
Dat is verdomme maar 10km per uur.
En dan heb ik nog goed doorgereden!
Mijn vrouw zit thuis te wachten op haar deel van mijn liefde.
Ik besluit dan maar om de 50 km van de pornoactrice te laten voor wat ze is en neem haar op haar 35.
Maar het blijft knokken en rukken op haar schuine stukken tegen de billen omhoog en omlaag.
Minutenlang in de kleinste versnelling stoten in de flank maar door de kutscheten amper vooruit raken.
Ah, na 30 kilometer gaat het ineens snel naar beneden op de tarmac.
Ik vermoed dat de organiserende, mensenlievende Walenfamilie voor wat gemoedsrust wil zorgen bij de 6 deelnemers.
Vergeet het!
De laatste 6,5 kilometer gaan over een platgereden , oneindige boerenweg door het open veld.
Het enige toegevingske is de wind die nu in de rug zit.
En dit windje ruik je niet maar voel je wel!
Niet leeg maar zeer voldaan sta ik om 12h30 terug aan het centre sportif van Maillen.
Er is daar 1 karcher en die 5 Walen die ook meereden staan daar met hun lans in de hand te spuiten.
Dan maar vlo direct in koffer en droog dingen aan.
Een blonde afsluiter was mooi geweest maar in mijn eentje aan de toog van de inschrijvingsslet gaan hangen zit me net te hoog.
Dus breek ik met mijn actrice.
Echter ze laat me niet zomaar gaan en gooit wat bomen over de weg om me in haar grot gevangen te houden .
Mijn oude peugeot brengt mij toch op de zeiknatte autosnelweg en schoon op tijd terug bij vrouw en kind.
Ps 1 : merci Cloyke voor de vette beats van deze morgend en merci Jeanke om uw vrouw met mij te delen (op de dansvloer) en Posse, bedankt ook uw vrouw om het ijs te breken toen het nog te vroeg was om te schaatsen en de Cloyke nog in zijn broek scheet om Nirvana te draaien…
En bedankt Kerkom voor de koeiestront die al in mijn neus hing nog voor ik de boerenzaal van binnen zag.
En bedankt ook InBev voor de uitstekende jupiler (waar een weekske staken toch al niet goed voor is)…
Bedankt meneer pastoor van Miskom voor de processies. Ik voel me een stuk geruster met de weet dat de Posse zo een diepgelovig mens is…
Ps 2 : Ik plantte vandaag mijn wiel in de reet van de TT pornoactrice.
En het was wederzijds.
Mijn achterste verstarde toen ik thuis in bad probeerde, wat ooit plat schijtbruin was, weg te schrobben.
De douche sproeikop ging beter.
Ps 3 : Jokke, ik doe u een proces aan om zo’n tourtocht op de kalender te zetten.
Ge moet diep met uwe smoel in de coke gevallen zijn toen ge Maillen in de TT mail neerpootte.
Maar ik doe u ook een proces aan als ge Maillen van de zoenk kalender afhaalt.
Maillen is sterven en klaarkomen tegelijk.
Ge moet dat als man minstens 1 keer in uw leven gereden hebben en hopen dat ge het overleeft.
Maar dan wel liefst met een rohloff.
En zeker met een beetje jus in uw frele beentjes.
Anders spuwt de pornoactrice u uit als een ellendig stukske vod en verlaat ge met een onderkoelde lul en een hartinfarct het Waalse halfrond voor de rest van uw winters…
In the middle of nowhere vonden we de parking, die niet op dezelfde plaats als de voorgaande jaren was. Een zesjarig ventje verwoordde vlak na het uitstappen perfect wat we gingen meemaken: “Dabben in de moos”. Na tot 9u gewacht te hebben, vertrokken we met 2 (samen met Jeroen).
Al snel bleek dat er de nodige modder op het parcours voorradig was. Enkele hellinkjes waren moeilijk te nemen door een constant wegslippend achterwiel. Daarnaast bleek mijn gezel dikke beentjes te hebben. Toch besloot ik hem steeds op te wachten. Na wat single tracks en een lang stuk over steentjes tegen de wind in, kon ik me weer omdraaien omdat mijn compagnon zijn wagonnetje niet aangehaakt had. Vlak voor de bevoorrading was er nog een vrij modderig klimmetje en een dito afdaling waarin Jeroen net zo lang solliciteerde achter een val tot hij er uiteindelijk ook bij ging liggen.
Aan de bevoorrading werden we verrast door 2 Zoenkers die opdoken uit het slijk: Risse en Cloyke. Zij bleken iets na ons vertrokken te zijn en aangezien Cloyke over een koppel zo mogelijk nog dikkere beentjes dan Jeroen beschikte, hadden ze ons niet ingehaald. Samen vertrokken we voor de resterende 20 km.
Na enkele kilometers gereden te hebben, hingen er weer 2 aan de rekker. Risse en ik besloten het duo op te wachten en het tempo wat te drukken. Na herhaaldelijke remblokjes versleten te hebben, besloot ik op Cloyke te wachten terwijl Jeroen, die iets betere benen gevonden had, en Risse voort te rijden. We reden tot aan het einde waar we de rest terugzagen. Daar gekomen hoorden we van Risse dat Jeroen in een vrij simpele afdaling nog ergens een bosuitstapje was gaan maken. Dit tussen de fruitbomen en zonder te vallen maar wel met het nodige tijdsverlies. Hier op toepasselijk is de quote van Rinus Wagtmans, oudritwinnaar in de Tour de france en nu de Pr-verantwoordelijke van Astana: “op rechte stukken kan iedereen snel rijden, maar het zijn de timing naar de bocht toe en het eruit komen die van belang zijn”.
Een aantal niet-ZoeNKers (Piet, Wim Jan en Benny) wilden ook wel eens weten wat het echte mountainbiken was. En daarom stonden ze, samen met mij, met hun voetjes op het knisperende zijdezachte witte sweeuwtapijt in Huldenberg.
We waren rijkelijk laat, zo laat zelfs dat de ikdoededeurwelopslotZoeNKer (Karel) al vertrokken was toe we eindelijk aan de inschrijvingstafel ons vonnis tekenden. 30 km op de gladde witte mat zou wel genoeg zijn, zo wisten we.
500 m verder kregen we .t al warm, helling 1 hadden we dan al achter de kiezen. Gezapig .cruisden. we en genoten we van de mooie uitzichten boven op de besneeuwde velden. Idyllisch is het woord dat werd uitgevonden voor zo.n ochtenden. Helaas was het een pak minder idyllisch toen ik net voorbij Loonbeek, op een platte aangekoekte weg rechtdoor, zomaar opeens onderuit ging en met mijn neus in de frisse sneeuw terechtkwam. Een scheve achterpat was het resultaat zo bleek (met de nodige frustraties) achteraf. Toen ik nadien mijn gezellen inhaalde, nadat de ketting weer eens in mijn wiel had gehangen, zag ik Wim nog net verdwijnen in het veld. Hij was gewoon al stilstaand achteruit omvergevallen. Een beetje verder, in Neerijse (schat ik) zag ik ZoeNKer Geert (op de 60) naast zijn fiets staan, waarschijnlijk wanhopig op zoek naar zijn derailleur. In alle geval, niet veel laat schoot hij ons als een Gazelle weer voorbij. Dat hij daarbij, toen we op de gladde kasseikes reden, de waardeloze zin uitsprak: .Allez mannen, niet in .t slaap vallen, hè. wil ik jullie niet onthouden.
Terug ter zake. We schoten rustig en geconcentreerd op toen we onder aan de klim naar de bevoorrading Rickske tegenkwamen (op de 50) , moederziel alleen, vechtend tegen de elementen. Hij was zijn maatjes onderweg kwijtgeraakt. Boven aangekomen konden we ons verwarmen aan wat poederwater een paar kwartjes banaan. Ook Wim Vde zag ik nog binnenglijden en toen we weer onze fiets opsprongen meende ik ook nog de tronie van de Phille te ontwaren.
Nog 10 km te gaan, weg richting de steile Moskesstraat. Amaai, dat is wel een bijterke. Toch kon ik daarboven met eigen ogen vaststellen dat de meeste moedige bikers zonder veel problemen bovensukkelden (is dat een contradictie?). Nadien was het boven, in het open veld, nog even wringen tegen de wind richting Overijse om dan stilletjes terug in Huldenberg terecht te komen. .t Blijft toch wel opletten op sneeuw en ijs, maar eenmaal terug in de cafetaria was de ontspanning compleet. In hun natuurlijke habitat zaten Cloyke, Gieke en Karel daar al tussen de Leffe-schruimkragen en de lege glazen te wachten op de collega-ZoeNKers.
Ik zocht mijn collega.s van de dag op en moest vaststellen dat ze nog heel wat te leren hadden.als enige stond ik daar met ne Leffe in de hand.
Conclusie: met recht en rede is deze tocht een klassieker, een mooie goed georganiseerde TT
Al enkele dagen ligt er een mooi wit sneeuwtapijt over de aardbodem gedrapeerd wat ik persoonlijk steeds opnieuw prachtig vind. Alle minder mooie zaken zijn dan immers verstopt onder dit witte goedje, waardoor alles er “clean en proper” uitziet. Helaas heeft dit ook zo zijn nadelen: organisatoren van TT’s beslissen hun tocht te annuleren (soms terecht waarschijnlijk), en het is toch altijd net iets gevaarlijker om door sneeuw en ijs te fietsen.
Maar door mijn voorliefde voor sneeuw en omdat ik vorige week reeds verstek heb gelaten, beslis ik toch op te staan en mij tegen 8u richting CH1 te begeven. De andere helft van mijn “bedvulling” beslist zich nog eens om te draaien en rustig verder te dromen (ongetwijfeld over mij...).
Aan CH1 tref ik Jokke, Rickske, Cloyke en Risse (de laatste 2 in burger – zij gaan briefkes steken voor onze TT) en samen vertrekken we naar Herentals. Onderweg zie ik op de thermometer dat het kwik schommelt rond de 0 graden, veel warmer dan de afgelopen dagen en ideaal om te biken.
Na wat rondrijden door een wegomlegging onderweg en een markt in Herentals komen we aan de start in het Bloso-domein en meteen valt op dat hier veeeel minder volk is dan andere jaren. We parkeren dus kort bij de start en schrijven ons in (ook hier niets aanschuiven aan de kassa).
Met z’n driën vertrekken we, in de tegenovergesteld richting dan de vorige jaren. We duiken meteen een bos in met singletracks, en eigenlijk is er best goed te rijden over de singletracks. De gevaarlijkste stukken bevinden zich eigenlijk op de weg, waar de sneeuw is aangereden door autos en er zicht een spiegelglad laagje heeft gevormd. En zo maken Jokke en ondergetekende na ongeveer 10 kilometer kennis met het bevrozen asfalt. Ik val op mijn heup en blijf toch even verdwaasd liggen – de val heeft toch redelijk pijn gedaan. We krabbelen recht en schuifelen naar de berm waar we weer op de fiets kruipen, maar al direct merk ik dat het beste er af is: bij elke trap is er toch een kleine pijnscheut in mijn heup en onderrug. Ik beslis dus onmiddellijk om het rustigaan te doen en laat Jokke en Rickske rijden.
Ik volg onderweg de pijltjes van de 25, de 45 is vandaag helaas niet haalbaar. Aan de break kom ik de 2 collega’s nog tegen zodat we samen van een warm soepje genieten. Hier hoor je velen vertellen over hun valpartijen onderweg – ik ben dus niet de enige. In mijn eentje haspel ik de kilometers verder af richting vertrekpunt, zonder er eigenlijk veel plezier aan te beleven. Dit betert niet als er nog eens een stuk van zeker 5 kilometer asfalt in het parcours zit (de organisatie heeft in laatste instantie geen toelating gekregen op het militait domein).
Uiteindelijk na 34 km (!) bereik ik de cafetaria, drink nog ne cola en vetrek samen met Risse en Cloyke huiswaarts. Ondertussen leveren de 2 anderen nog een heroische strijd in de bossen van Herentals...
Naar bekendmaking van deze rit in de Ardennen had ik al gekozen. Maar het problem was dat ik de vorige avond in Aken zat en iets te veel ging drinken. Gelukkig had ik alle spullen in mijn auto en ik beslissde de volgende ochtend dan direkt v/a Aken naar Maredsous te vertrekken. En belangrijke aanmerking is dat toen nog geen vlok sneeuw op straat lag. In Leuven zal het anders geweest zin. Tegen 9 uur ergens achter Namen de snelweg afgereden en het Navi ingeschakeld, maar Maredsous was er niet bekend. Shit, enige kans was naar Jokke te bellen, die ja zeker al er aan de start klar stond om te vertrekken. Maar hij laag jammer nog in zijn bed maar konde mij de belangrijke tip geven naar Denee te rijden. V/a daar ging het langs kleine wegen omhog tot een abdij inmidden het bos. Deze pleg was Maredsous. Just op mijn aankomst begon het hevig te sneeuwen. Er lagen al 5 tot 10 cm van de vorige dagen. Just winter terecht aankleden en op het parcours. Vertrek was van een groote overdakte hof in het abdijsgebouw. Mooie warme sfeer daar, en dan deuren op weg in de koude sneeuw. Het stopte niet meer te sneeuwen. Ik denk, het waren niet echt veel deelnemers, maar zeker geen Vlamingen. De eerste stukken gingen dan door het bos op single trackjes en daar lag nog niet veel sneeuw. Maar als wij op het vrije veld kwamen was er geen verschil meer herkenbar tussen weg en veld. Het problem waren de putten. Als je in een wan deze rit, stok je ten minst tot uw naaf in de sneeuw. En met grootere snelheid ging je over het stuur. Maar vallen was geen probleem als er genoeg zachte sneeuw lag. Zo ging het verder en wij voelden ons zoals op polar expeditie. Hevige wind en never stopping sneuuw. Naar de eerste bevoorading in een garage met open vuur en warme soep kwam de splitsing tussen de 20 en 35 km (was al verkort qua veiligheid). Ik dachte wel, dat ik de lange weg naar hier met den auto toch niet voor aleen maar 20km biken kwam. Maar als ik zo alleen in het sneeuw stook was mijn beslissing alvast klar...aftekorten. Gelukkig kwamen dan not 2 medestrijders, dij mij voor de “lange” afstand overtuigten. De rest was dan polar expeditie, afstappen en 2 of 3 puder-sneeuw afdalingen. Over de verloop wan de wegen kan ik verder niks zeggen. Het was allen maar WIT en wij volgden de orange pijlkes, die echt nog goed te herkennen waren. Fier aan het aankomst voelde ik mij als held en aat gelukkig mijn saucisse, gevolgd van een Auto-zomerbanden hard core evaluatie test tot Leuven....
Een koude en zonnige morgen ging ik naar Tervuren. Bij de inschrijving in een morderne sportcomplex stond al veel volk. Blijkbaar was ik wel fijv minutjes tee laat voor mijn club leden en tien minutjes te vroeg voor de Karel. Zo was mijn beslissing ten eerst mal aleen te vertrekken. Het eerste stuk was in de Zooniewoud en de wegen waren nog glad. Het zat nog veel volk op den parcours. Zo moeste ik achter de rest blijwen, toen ik zij bij de eerste en eenige bevoorading inhaalde. Daarnaar ging het op stukken van de tocht van Huldenberg verder, wat bedoelde dat de hoogtemeters al begonnen hadden. Wij bollden dan zamen de hellingen omhoog en het eerste slachtoffer was Joris, die ging parkeeren. Op het laatste stuk ging het in de buurt van Overijse en Duisburg en een afslag was nog ingebouwd naar Vossem en dan terug in de Zooniewoud. Als het dan allgemeen iets rustiger werd, dank onze leege batterijen, gingen Jokke en Witte nog attakeeren en ik en Michel konden niet meer volgen. Michel kwam al met de fiets van Leuven en moeste ook nog terug. Ik denk dat het een plezante terug-rit voor hem was… A Diesel never dies ! Ok, dan nog naar die inspanning iets eeten en drinken. Maar als in het kantine kwam, was mij zwart voor oogen en het duurde iets mijn club cameraden terug te vinden onder de veele mensen. Een moie tocht met ~ 500 hoogtemeters op die 45km, maar een bevoorading was te weinig in de koude.
Als ik ’s morgens opsta blijkt er een nieuw sneeuwtapijt aan mijn voordeur te liggen. Ik vrees nog even dat ik helemaal alleen aan het clubhuis ga staan maar besluit toch om het erop te wagen.
Het ziet er redelijk friskes uit en dat is het ook als ik in mijn wagen kruip. Al bibberend tot bij de Rickske om daar te moeten vaststellen dat ik daar moederziel alleen sta.
Waar zitten die echte Zoenkers, de ‘Zwette Mannen’ ??? Geen kat !!!
Een bende jeanetten zijn het geworden ja. Woessies, die liever in hunnen tram zich nog eens omdraaien.
Ik begin dan ook te twijfelen. Ben ik nu den enigste zot die zo vroeg is opgestaan ? Doet dat nu echt geen zeer ? Of zie ik het verkeerd ? En wat nu gedaan ? De kar 180 ° draaien en terug bij mijn madam onder de warme dekens of doorzetten.
Het wordt het laatste : ik houd wel van die ritten in de sneeuw. Technische altijd een stukje moeilijker omdat je dikwijls niet ziet op welke ondergrond je rijdt en het landschap kan soms betoverend mooi zijn met zo’n laag witte verf. Zeker als het zonnetje er dan nog eens doorkomt.
Ik ben nog niet aan de oprit van de E314 of Andreas hangt al aan de telefoon. Hij was een klein beetje te laat maar zegt dat hij al onderweg is naar Beverlo.
De startplaats is in één of ander Chiro-lokaal. Niet direct de modernste infrastructuur en de douches zijn achter een stuk plastiek...
Andreas en ik betalen ons inschrijvingsgeld en weg zijn we. De eerste km’s rijden we door een aantal woonwijken verbonden met hier en daar een veldwegske/singletrackske. Maar na 7,5 km komen we in de lokale bikers-speeltuin. Op één vierkante kilometer laten ze ons twintig keer op en af die korte venijnige hellingskes rijden. En ja, je moest hier soms wachten omdat er tragere rijders voor je reden/stonden. Maar dit was pure fun.
Door de zon die zich af en toe laat zien blijft dit een mooi tochtje. De bevoorrading is verzorgd met genoeg eten en warme drank. Iets wat met deze vriestemperaturen wel geappreciëerd kan worden.
En kijk wie we daar tegenkomen : Karel V. blijkt ook nog opgedaagd te zijn. Naar goede gewoonte een beetje later dan de rest. Maar hij was er toch.
We blijven met ons drietjes samen en haspelen de rest van het parcours op een gezapiger tempo af. Ik meen stukken te herkennen van de TT’s van Beringen en Paal. (vooral het saaie stuk langs het Albertkanaal)
Na afloop drinken we nog een warm soepje en een bruin vochtje en we keren voldaan terug naar huis.
Ik heb mij in ieder geval niet beklaagd dat ik zo vroeg ben opgestaan.